Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Gedenkboek van de viering van het 50-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam op 20-22 oktober 1930 - pagina 154

Bekijk het origineel

Gedenkboek van de viering van het 50-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam op 20-22 oktober 1930 - pagina 154

2 minuten leestijd

134 REDE MR G. H. A. GROSHEIDE

heeft zeker aan twee voorwaarden te voldoen. Hij moet teruggaan

in het verleden en uit het verleden opklimmen tot het heden. Hij

moet, in het verleden afgedaald, inderdaad naar het heden kunnen

opstijgen. Hij moet dus een climax zien.

Toen mij als voorzitter van de Commissie voor het Uitbreidings-

fonds de taak werd opgedragen, een taak even gewichtig als eervol,

om in deze Uwe vergadering het woord te voeren, heb ik mij de

vraag gesteld, hoe ik dien plicht het best zou kunnen vervullen.

Schoon ik ook volgens den tekst van het programma het Uit-

breidingsfonds aan Heeren Directeuren der Vereeniging voor

Hooger Onderwijs op Gereformeerden grondslag heb over te dragen

en moeilijk valt te loochenen, dat men bij het begrip Uitbreidings-

fonds in de eerste plaats aan cijfers en getallen denkt, heb ik

gemeend een betere bijdrage te geven voor het jubilare, door te

zoeken naar den climax in de geschiedenis, dan door te trachten

Uw aandacht geboeid te houden ^door het rijgen van getal aan

getal, van cijfer aan cijfer.

Dat ik bij het opklimmen van de geschiedenis tot het heden de

mij opgedragen taak niet uit het oog verlies, ligt daarbij voor de hand.

Ik moge dan beginnen, hoe vreemd dit misschien ook schijne,

met mijzelf

Toen ik nu 25 jaar terug, als eerstejaars-student de poort onzer

Alma Mater binnengetreden, in ditzelfde gebouw de jubileumver-

gadering mocht bijwonen, kon ik weinig vermoeden, dat het onderwijs

in het Romeinsche recht van mijn hooggeschatten leermeester

Fabius mij thans nog inspireeren zou.

Immers, nu ik tot aanbieding van de jubileumgift mag overgaan,

komt mij als vanzelf voor den geest de beroemde regel der klassieke

juristen: Quot qualitates, tot personae.

Velen uit Uw kring zal een zekere neiging niet vreemd zijn om

in mij vóór alle dingen te zien den Penningmeester van het College

van Directeuren. Men beschouwt mij vermoedelijk meer als den

vrager dan als den gever, eerder als den man die, zij het gelukkig

in qualiteit, steeds geld noodig heeft, dan als den persoon die

roemt meer ontvangen te hebben dan hij heeft gevraagd. Daarom

zij het met nadruk gezegd, niet in mijn qualiteit van Penningmeester

van het College van Directeuren, maar in die van Voorzitter der

Commissie voor het Uitbreidingsfonds, sta ik hier vóór U op het

spreekgestoelte.

Wanneer ik nu terugga in de geschiedenis onzer Vereeniging,

vraagt wel allereerst het jaar 1880 de aandacht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931

Publicaties VU-geschiedenis | 262 Pagina's

Gedenkboek van de viering van het 50-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam op 20-22 oktober 1930 - pagina 154

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931

Publicaties VU-geschiedenis | 262 Pagina's