Gedenkboek van de viering van het 50-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam op 20-22 oktober 1930 - pagina 148
128 REDE MR TH. HEEMSKERK
Er is een zekere humor in, dat de Overheid, door van ons de
verwezenlijking van dat universitair begrip te vorderen, ons een
eisch stelt, waaraan zij zelve trots haar groot aantal vaak hoogst
bekwame hoogleeraren en de steeds toenemende specialiseering
van leervakken niet kan voldoen, omdat bij haar het onderwijs is
gebouwd op verscheidene leerstukken onderling met elkaar in
strijd, en die tezamen geen principieelen grondslag vormen voor
de erkenning van de eenheid der wetenschap.
De Overheid eischt dus van ons om te leven naar een beginsel,
dat zij zelf voor hare Universiteiten in zijn wezen niet erkent en
niet kan verwezenlijken. Over dezen dwang beklagen wij ons niet,
al heeft hij ons wel eens bange oogenblikken bezorgd, want, nu
de wet eenmaal de burgerlijke bevoegdheid der kweekelingen onzer
Uuniversiteit heeft erkend, ware het hard geweest die te verliezen.
Het voegt ons Gode dank te brengen, dat Hij ons thans voor de
wis- en natuurkundige faculteit drie gewone hoogleeraren en een
buitengewoon hoogleeraar heeft geschonken, die wij, naar wij
hopen, lang mogen behouden en op wier arbeid rijke zegen moge
rusten. En voor de medische faculteit, de vijfde, die aanvankelijk,
naar wij meenden, de vierde had kunnen zijn, is toch een kern
aanwezig. Maar alles moet komen van God; voor verderen groei
moeten de mannen en de middelen ons geschonken worden.
Van geldelij ken steun door den Staat spreek ik heden liever niet.
Niet beheer van Universiteiten door de Regeering, maar oordeel-
kundige en onpartijdige steun van Staatswege aan vrije Universi-
teiten over de geheele linie zou een juist Regeeringsbeginsel zijn,
maar het gaat tegen de historische ontwikkeling hier te lande en
kan slechts zijne toepassing vinden door eene zeer diepgaande
ommekeer in de geestesgesteldheid van belangrijke en invloedrijke
groepen van het Nederlandsche volk. Door Gods bestuur zijn tot
hiertoe de middelen gekomen door offervaardigheid der geestver-
wanten. Daarmee hangt samen een langzame groei. Die langzaam-
heid schijnt onvermijdelijk; want ook de mannen moeten ons
van God geschonken worden. De keuze is, naar het zich laat
aanzien, beperkt.
2. £)e verhouding van de Vrije Universiteit tot de Kerk. Hier is
een vraagstuk van teederen aard, waarbij het er op aankomt zuiver
te onderscheiden, en toch ook om vast te houden aan de vrijheid
der Universiteit en de souvereiniteit der wetenschap in eigen kring.
De beoefening der wetenschap is vrij van het gezag der Kerk
als organisme. De gave der wetenschappelijke studie op den
grondslag der Goddelijke openbaring is door God geschonken aan
allen, die daarmede begiftigd zijn, leden der onzichtbare, algemeene
/
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Publicaties VU-geschiedenis | 262 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Publicaties VU-geschiedenis | 262 Pagina's