Gedenkboek van de viering van het 50-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam op 20-22 oktober 1930 - pagina 18
10 GEBEDSURE
En dan die stem/ ]a, die stem! Twee woordjes. „Vrees met." Als
Hij spreekt, behoeven het niet veel woorden te zijn.
Het stormt op het Galilesche meer. De discipelen zijn vol angst
en vrees. En Jezus nadert, Hij zegt: „Vrees niet!" Hetstormstillend
woord wordt vernomen. Wie zoo biddend en vertrouwend als
Jeremia de toevlucht neemt tot zijn God, behoeft geen pessimist te
zijn. In zijn oor klinkt ook in moeilijke tijden het verhoorings-
woord: „Vrees niet!" Als Hij vóórgaat met Zijn licht, kan het
donker niet schaden. Zoo klonk het eens bij Jesaja: „Vrees niet,
want Ik ben met u, zijt niet verbaasd, want Ik ben uw God, Ik
sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met de rechterhand
Mijner gerechtigheid. Ik grijp uw rechterhand aan, die tot u zeg:
„Vrees niet."
De zonde, het ongeloof werpt vrees over de ziel, de verhooring
van het gebed doet de vrees wijken. Zoo is dan Jeremia's smeeking
verhoord. Zooals er van den Chistus staat, dat Hij, waar Hij met
sterke roeping en tranen offerde, verhoord is uit de vreeze, zoo is
het ook in anderen zin hier geschied.
De sleutel des hemels is gebruikt en uit den hemel is de trouwe
God weder aan Zijn volk verschenen en Hij sprak het vrees weg-
nemend woord.
Is dit niet duidelijk geworden bij onze Vrije Universiteit? Op
ons Jubileum kunnen we ten volle overnemen: „Gij hebt U ge-
naderd, ten dage als men U aanriep. Gij hebt gezegd: Vrees niet!"
In de stichting onzer Hoogeschool is dit reeds zoo treffend be-
waarheid. De Heere heeft Zich genaderd, Hij heeft de gebeden ver-
hoord. Uit hoeveel vrees heeft Hij gered. Geheel haar historie ge-
tuigt er van. De machtigste tegenstand deed haar niet verdwijnen.
En als ze in de engte van angst gedreven werd, was Hij haar
nabij. Lichtstralen braken door de donkerheid henen. Moedeloosheid
maakte plaats voor geestdrift. Ja, God heeft Zich genaderd tot ons
land en volk in deze stichting van Zijn hand. En dat doet Hij nog.
Daarvan spreekt dit Jubileum.
Niettegenstaande alle zwakheid, gebrek en zonde nadert Hij en
spreekt Hij. Dat bemoedigt voor de toekomst. Maar dan is blijvend
gebed van noode en een zoeken van de glorie Zijns Naams.
Martensen heeft eens gezegd: „Het gaat den waren bidder om
God zelf." Daar ga het ook om bij ons gebed. Het hoogste is, dat
onze Universiteit in al haar faculteiten tot eere van onzen God
strekke. Niet alleen m't Hem maar ook door Hem en tot Hem is
de ware wetenschap des geloofs.
Zoo is dan onze Vrije Universiteit, haar stichting en bewaring,
een verhooring des gebeds.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Publicaties VU-geschiedenis | 262 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1931
Publicaties VU-geschiedenis | 262 Pagina's