Vijfenzeventig jaar Vrije Universiteit - pagina 90
Gedenkboek bij het vijfenzeventig-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam
deze meetings overbodig. Maar in de eerste jaren hebben zij een grote
waarde voor de propaganda gehad. Tegenstanders konden er openlijk
hun bedenkingen opperen, twijfelaars er hun vragen stellen. O p deze
meeting te Leeuwarden leidde Kuyper de discussie over de vraag, die
we in het vorige hoofdstuk reeds vermeldden: Welke zijn de vooruit-
zichten voor de studenten der V.U.? De avond van diezelfde dag ging
Ds B. van Schelven voor in de bidstond en de volgende dag, 6 Juli,
werd de algemene vergadering gehouden.
In 1883 was de inrichting dezer toogdagen, toen te Arnhem ge-
houden, ongeveer gelijk en ook Utrecht in 1884 en Den Haag in 1885
kenden hun meeting, naast bidstond en algemene vergadering.
De meetings, met het dikwijls heftige debat, hebben vaak de aan-
dacht getrokken. Dan denken we vooral aan dat beroemde debat op
de meeting te Utrecht in 1884. Professor Jhr M r A. F. de Savornin
Lohman, pas opgetreden als hoogleraar en voordien curator der Vrije
Universiteit, leidde het om twee uur 's middags in het Gebouw voor
Kunsten en Wetenschappen in met de stelling, dat de Christen op de
duur geen genoegen kan nemen met een onderwijs, dat door de over-
heid wordt beheerst. Ditmaal lieten de tegenstanders geen verstek gaan
en Lohmans korte uiteenzetting der stellingen lokte een debat uit, dat
tot ver na middernacht zou duren, een vergadering van niet minder
dan twaalf en een half uur. Het waren vooral mede-Christenen,
mannen van de irenische richting, die de heftigste bestrijding boden.
H u n argumenten zijn na ruim zeventig jaar soms nog actueel. Vooral
Dr Gunning (welke Dr Gunning wordt bedoeld, is in het verslag niet
duidelijk; waarschijnlijk Dr J. W. Gunning J.H.zn, hoogleraar in de
scheikunde) stelde de zaak zeer scherp: als het onderwijs aan de rijks-
universiteiten gebreken heeft, kan men die door aanvulling trachten
te verhelpen; het is dan helemaal niet nodig een volledige universiteit
te stichten. Het geld, nu aan de V.U. verspild, zou veel vruchtbaarder
besteed kunnen worden voor aanvuUingsonderwijs. Gunning zei het ver-
schil niet te kunnen zien tusschen eene geloovige en eene ongeloovige
botanie, tusschen eene gereformeerde en eene niet-gereformeerde wis-
kunde. Hij klaagt de oprichters dezer stichting aan van veel kwaads
te hebben gesticht, door kringen van geheel onbevoegden op te roepen
om te rechten over wat binnen de (!) kring der wetenschappen ligt.
Bij hem sloot zich Ds Buytendijk geheel aan. Bovendien: De Vrije
Universiteit is in zijn oogen niet anders dan een hinderpaal voor de
eenheid der broederen.
En dan duikt ook hier weer het verhaal op, dat de beruchte schotjes-
86
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's