Vijfenzeventig jaar Vrije Universiteit - pagina 212
Gedenkboek bij het vijfenzeventig-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam
van directeuren heeft de bibliotheek daarvan groot voordeel onder-
vonden. Vooraf was deskundig onderzoek nodig om te zien, of het
bouwwerk de zeer zware belasting van tienduizenden boeken kon
dragen. Hoe eervol het ook moge zijn, niemand, zelfs geen bibliothe-
caris, sneuvelt graag onder zijn boeken!
— U denkt aan de berichten van de verzakking van de bibliotheek
der Stedelijke Universiteit. — Hoe denkt u eigenlijk over — ja, wat
zal ik zeggen: de taakverdeling van die beide universiteitsbibliotheken?
— Onze bibliotheek bedoelt geenszins een doublet te worden van
de U.B. der gemeente Amsterdam. Dat is ook niet nodig, gesteld al,
dat het mogelijk ware. Ik denk met grote erkentelijkheid terug aan de
jaren, waarin de U.B. mij vlot en op onbekrompen wijze voorzag van
het vele materiaal, dat ik haar vroeg.
Dan denken de heer Höweler en ik vrijwel automatisch aan de in de
dienst der U.B. vergrijsde heer P. Oosterbaan, tot voor kort chef van
het uitleenbureau, die men altijd wijzer verliet dan men gekomen was.
En persoonlijk denk ik dan ook aan de heer Smid van de V.U.-
bibliotheek, die mij al zo vele malen gered heeft uit de doolhof van
boektitels en schrijversnamen . . .
— Geen doublet van de U.B. dus. Maar hoe ziet u dan de ver-
houding?
— O m practische redenen moet elke universiteit beschikken over de
meest gebruikte standaardwerken, handboeken en tijdschriften. Een
zekere kern dus. Maar wanneer een weinig gevraagd, kostbaar werk
op de U.B. aanwezig is, schaffen wij het doorgaans niet aan. De aan-
schaffingen voor onze bibliotheek moeten voor het grootste deel be-
paald worden door de behoeften onzer universiteit. Belangrijke aan-
winsten danken wij aan schenkingen van gehele verzamelingen uit
particulier bezit. Daardoor kregen wij veel kostbaars of zeldzaams, dat
wij niet zo gauw zouden kopen. Voor vakken, waarin aan de V.U.
geen onderwijs wordt gegeven, wordt weinig of niets gekocht.
— Maar onze bibliotheek heeft toch ook wel — om het zo eens uit te
drukken — haar specialiteiten?
— Stellig. In het bijzonder de vorming van collecties, welker aan-
wezigheid nauw verband houdt met de grondslag en het karakter der
Vrije Universiteit. Ik denk hierbij o. m. aan de theologie, de oud-
christelijke literatuur, de geschiedenis van het Protestantisme, de zen-
ding, de Calvinistische wijsbegeerte en de liturgie. O p die terreinen
hebben we vele landgenoten en ook veel buitenlanders overvloedig van
geschikt studiemateriaal kunnen voorzien.
206
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's