Vijfenzeventig jaar Vrije Universiteit - pagina 99
Gedenkboek bij het vijfenzeventig-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam
De Doleantie als gegeven. Dat wil dus zeggen, dat we constateren
dat 4 Januari 1886 een aantal leden van de Amsterdamse kerkeraad,
geleid door Kuyper, door het classikale kerkbestuur werd geschorst en
dat de „aanslag" dezer geschorsten, geleid door de drie V.U.-profes-
soren Kuyper, Rutgers en De Savornin Lohman, op de Nieuwe Kerk
te Amsterdam mislukte, waarna i Juli 1886 de geschorste leden van
de Amsterdamse kerkeraad werden afgezet door het provinciaal kerk-
bestuur, aan welke afzetting de synode i December haar goedkeuring
hechtte. Kort daarop, 11 Januari 1887, werd te Amsterdam een Gere-
formeerd congres gehouden, waar de nu te volgen weg door de uit-
getredenen werd bezien.
Het kan wel niet anders of deze kerkelijke storm moest ook de V.U.
ernstig treffen. Het waren immers in hoofdzaak mannen van de Her-
vormde kerk geweest, die de V.U. hadden gesticht en gedragen? En
nu moesten zij, die kerkelijk tegenover elkaar kwamen te staan, in de
V.U. blijven samenwerken? Zeker, Kuyper was in zijn breuk met het
Hervormde kerkverband niet opgetreden als hoogleraar van de V.U.,
maar zuiver als ambtsdrager van zijn kerk. Maar is het onverklaarbaar,
dat in de hitte van de strijd die onderscheiding niet door allen ge-
maakt werd? Merkwaardigerwijze waren van hen, die kerkelijk Her-
vormd bleven zij, die in de V.U.-organisatie het dichtst naast Kuyper
stonden, niet de eersten om met hem te breken. Zij waren te zeer
ingewijd om te beweren, dat Kuyper de Doleantie voor het karretje
van de V.U. zou willen spannen. Uiteraard betreurden en laakten zij
zijn daden en woorden, maar zij wisten: Kuyper misbruikt zijn positie
aan de V.U. niet; in dit opzicht volgt hij consequent en eerlijk de weg,
door de motie-Van Schelven in 1884 uitgestippeld.
De afval begon dan ook meer aan de peripheric. Want vanzelf-
sprekend heeft de V.U. bij de Doleantie klappen opgelopen. Het waren
vooral predikanten, die teleurgesteld de Vereniging voor hoger onder-
wijs verlieten. Zij waren pijnlijk getroffen door het optreden van
Kuyper en de zijnen — niet van de V.U. — tegen de kerk, die zij
liefhadden. Financieel betekende dit, dat de V.U. niet slechts hun
contributies derfde, maar ook de kerkelijke collecten, die een belang-
rijk deel van de inkomsten der V.U. vormden. De opbrengst dezer
collecten daalde van ruim tien duizend gulden in 1886 tot ruim zes
duizend in 1887 en tot ruim drie duizend in 1888. Waarschijnlijk
heeft dit feit de legende in het leven geroepen, die men zelfs nog
als historische waarheid ziet opgedist in een veel gebruikt en weten-
schappelijk handboek der kerkgeschiedenis, dat het bedrag der con-
95
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's