Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vijfenzeventig jaar Vrije Universiteit - pagina 73

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vijfenzeventig jaar Vrije Universiteit - pagina 73

Gedenkboek bij het vijfenzeventig-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam

2 minuten leestijd

2 ORGANISATIE EN OFFERVAARDIGHEID M790 leden

Bij de organisatie der Vereniging voor

Hoger Onderwijs op Gereformeerden

grondslag was het allereerst zaak overal in 1954

het land de mensen bijeen te brengen, die

overtuigd waren van de noodzakelijkheid 4790

van zulk hoger onderwijs. Van Utrecht of ILEDENl

Amsterdam uit kon men bezwaarlijk zien,

wie dat in allerlei steden en dorpen waren.

Het land werd daartoe verdeeld in distric-

ten. Het eerste jaarverslag noemt er vijf

en negentig. In elk district werd een ver-

trouwensman benoemd, de correspondent.

In een viertal grote steden — Amsterdam, /550 _JL.

Rotterdam, Den Haag en Utrecht — bleek 519 leden

het nodig het werk over meer mensen te

verdelen. In die vier steden ontbrak de correspondent en werd er een

locaal comité gevormd. Dit werd geleid door een voorzitter, bijgestaan

door een secretaris en een penningmeester. De stad werd verdeeld in

wijken of buurten, die elk een hoofdagent hadden. De vijf en negentig

districten werden provinciegewijs verenigd. Limburg, waar het Gere-

formeerde volksdeel uiteraard zeer klein was, zou voorlopig op de lijst

ontbreken. De grote provincies Gelderland en Zuid-Holland telden

respectievelijk drie en twintig en twintig districten. Dan volgde Fries-

land — van den aanvang af zeer enthousiast voor de zaak — met veer-

tien, Utrecht met negen, Noord-Holland en Overijsel elk met zeven,

Zeeland met zes en Groningen, Drente en Noord-Brabant elk met drie

districten.

In elk district poogde men mensen te werven, die de gedachte ener

vrije universiteit metterdaad steunen wilden. Van het begin aan — en

dat is altijd zo gebleven — onderscheidde men twee groepen: de leden

en de begunstigers. Volgens artikel vier der statuten moesten als leden

met stemhebbend recht beschouwd worden: ten eerste personen, die

de statuten ondertekend hadden en jaarlijks een contributie betaalden

van minstens ƒ 25.— óf bij toetreding tot de Vereniging minstens ƒ 500.—

stortten; ten tweede kerkeraden of verenigingen, die een minimum

jaarcontributie van ƒ 25.— betaalden en dan een stemhebbende ge-

machtigde voor de vergaderingen der Vereniging mochten aanwijzen.

Wie minder dan het gestelde minimum betaalden, maar de Vereni-

69

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's

Vijfenzeventig jaar Vrije Universiteit - pagina 73

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955

Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's