Vijfenzeventig jaar Vrije Universiteit - pagina 55
Gedenkboek bij het vijfenzeventig-jarig bestaan der Vrije Universiteit te Amsterdam
vermoed, dat er bijna dertig jaren nodig zouden zijn om dit vrijheids-
principe zo uit te werken, dat de stichting van vrije universiteiten wette-
lijk mogelijk zou zijn. Wel was die gedachte aan zulke niet-staatsuni-
versiteiten reeds eerder onder ogen gezien. In het begin van de eeuw
had koning Lodewijk Napoleon reeds gesproken over de stichting van
een Roomse universiteit in Den Haag, als een soort Noord-Nederlands
Leuven, maar het was bij die gedachte gebleven. De wet op het hoger
onderwijs van 1876 maakte echter de stichting mogelijk en het eerste
resultaat daarvan was de gemeentelijke universiteit te Amsterdam, de
eerste bijzondere (in de zin van niet van de staat uitgaande) universiteit
in ons land.
Diezelfde wet op het hoger onderwijs maakte ook de stichting van
bijzondere universiteiten meer nodig. De ontkerstening van het Neder-
lands hoger onderwijs toch werd door de nieuwe wet nog bevorderd
en dan wel speciaal in de theologische faculteit. Deze werd, al bleef
de oude naam behouden, feitelijk faculteit der godsdienstwetenschap,
doordat men van het onderwijsprogramma alles schrapte, wat men
van kerkelijk of dogmatisch karakter achtte.
Het was begrijpelijk, dat jonge mannen, die deze nieuwe opleiding
volgden, voor kansel en pastorie niet volledig waren toegerust. Men
meende dit bezwaar te kunnen opheffen, door de Hervormde kerk het
recht te geven aan de drie rijksuniversiteiten elk twee hoogleraren te
benoemen, die dan op verantwoording van hun kerk les gaven in de
vakken, die de staat van het onderwijsprogramma had geschrapt. Zo
spaarde men de kool en de geit. Wel hadden deze door de kerk aange-
stelde hoogleraren in hun faculteit niet de rechten van de gewone staats-
hoogleraren, maar een kerkelijke en dogmatische scholing der studenten
werd op deze manier toch mogelijk.
Veel zou afhangen van de vraag, wie de Hervormde kerk als kerke-
lijke hoogleraren zou benoemen. Al zou er altijd iets tweeslachtigs in
deze nieuwe opleiding blijven, de mogelijkheid bestond toch, dat de
kerkelijke hoogleraren de aanstaande predikanten zouden wapenen tegen
het modernisme, dat van menige katheder gedoceerd werd.
Maar zelfs deze mogelijkheid werd geen werkelijkheid. Dit lag aan
de synode, waar de Groninger richting, die in het land betrekkelijk
weinig aanhang meer had, nog sterke invloed oefende. Van de zes te
bezetten zetels wist deze richting er vier te verwerven. Eerst, nog in
1877, werd aan elk der drie rijksuniversiteiten één van haar mannen
geplaatst, en toen de in Utrecht benoemde J. H. Gunning, die de
ethische richting was toegedaan, bedankte, slaagde zij er in met de be-
51
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1955
Publicaties VU-geschiedenis | 238 Pagina's