Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Kijk op VU! - pagina 22

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kijk op VU! - pagina 22

2 minuten leestijd

kan geconstateerd w o r d e n dat de V r i j e Universiteit thans studenten

uit alle werelddelen telt.

In de kleine groep van vijf hoogleraren, die in 1880 het werk begon,

was reeds één buitenlander. Vanzelfsprekend nam het aantal h o o g -

leraren minder toe dan dat der studenten. Men startte met vijf

hoogleraren en vijf studenten, dat is per student één hoogleraar.

Toen na twintig jaar, in 1900, h e l aantal studenten van vijf tot 126

was gestegen, was het aantal hoogleraren geklommen tot slechts zes.

Maar reeds vijf jaar later, toen de V . U . de „effectus civilis" had

verworven, was dit aantal verdubbeld tot twaalf. Dan volgt lot 1920

een gelijkmatige groei, die ongeveer gelijke tred houdt met de

groei van het aantal studenten. In 1920 zijn er zeventien docenten.

De onstuimige groei van de universiteit na de laatste oorlog weer-

spiegelt zich ook in de snelle toeneming van het aantal docenten.

Het getal van 1920 is vertienvoudigd: in de cursus 1962 — 1963 zijn

er 171 docenten in functie. Hun taak is verzwaard als men bedenkt

dat h e i aantal studenten in diezelfde periode niet tien-, maar bijna

zeventienmaal zo groot geworden is.

H e t grootste aantal docenten telt de faculteit van letteren en wijs-

begeerte met 54 docenten voor 526 studenten; twee grotere faculteiten,

die van wis- en natuurkunde en van economie, tellen meer studenten

(respectievelijk 728 en 543), maar minder docenten (36 en 25). De

verklaring ligt voor de hand: de faculteit van letteren en wijsbegeerte

omvat zeer veel secties: latijn en grieks horen er toe, maar evengoed

nederlands, frans, duits en engels, geschiedenis en assyrisch, archeo-

logie en filosofie. Bovendien volgen ook studenten van andere

faculteiten bepaalde colleges binnen de faculteit der letteren en

wijsbegeerte. Z o moeten alle beginnende theologische studenten,

om de bijbeltalen goed te beheersen, colleges volgen in de faculteit

der letteren, waartoe de talen nu eenmaal behoren en ze leggen

ook binnen die faculteit het zogenaamde propaedeutisch, dat is

voorbereidend op de eigenlijke theologische studie, examen af.

Colleges in de wijsbegeerte worden door alle studenten van het

eerste jaar, onverschillig t o l welke faculteit ze ook behoren, ver-

plicht gevolgd. Geen der collegezalen is daarvoor groot genoeg,

zodat deze colleges plaats hebben in een kerkzaal.

Onder leiding der hoogleraren voltooiden niet alleen duizenden

studenten hun studie, maar er kwamen lot nu toe ook ruim zes-

20

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1963

Publicaties VU-geschiedenis | 108 Pagina's

Kijk op VU! - pagina 22

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1963

Publicaties VU-geschiedenis | 108 Pagina's