Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Kijk op VU! - pagina 27

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kijk op VU! - pagina 27

2 minuten leestijd

houden, bevat dikwijls brieven — of fragmenten daarvan — van

mensen die boos of verdrietig op die spanning tussen Ideaal en

werkelijkheid wijzen.

V o o r ons doel — de korte beschrijving van de taak van de V r i j e

Universiteit — kan een deel van zulke brieven onbesproken blijven,

namelijk die, welke min of meer toevallige klachten bevatten over

bepaalde gedragingen van studenten. V o o r vele van die klachten,

die vaak vergezeld gaan van boze dreigementen of opzegging van

contributie, gelden nog altijd de nuchtere woorden, die Colijn in 1925

naar aanleiding van soortgelijke critiek sprak: „ . . . . het zijn onze

eigen jongens; kinderen uit onze gezinnen, die aan de Universiteit

meebrengen wat w i j hen hebben bijgebracht."

Maar hoe staat het met die meest minder luid geuite, maar In wezen

toch ernstiger klachten, dat in de practijk van het onderwijs de V . U .

zich toch maar heel weinig onderscheidt van de neutrale universi-

teiten?

Allereerst dan dit: In een christelijk gezin leert het kind bidden.

Ja, maar het leert er ook lopen en z'n speelgoed opruimen en

„ m e t twee woorden spreken", net als het kind uit het niet-christelijke

gezin. Er is bij alle principieel onderscheid ook veel gelijkheid. In

het ontwikkelingsideaal, dat de bijbel omschrijft in twee Timotheüs

drie vers zeventien staat de els, dat „ d e mens Gods volkomen zij,

tot alle goed werk volkomen toegerust." — Tot a l l e goed werk.

Niet alleen tot het bidden, maar ook tot al die andere dingen. Bij

de academische opleiding betekent dit dat de student in de wiskunde

aan de V . U . moet leren werken met dezelfde formules, waarmee

ze op elke universiteit w e r k e n ; en de student In de scheikunde moet

aan de V . U . de gewone laboratorium-vaardigheid opdoen, die ook

aan de neutrale universiteiten geëist wordt.

In de tweede plaats dit: De jonge student heeft In zijn critiek op de

eigen universiteit vaak de nelging met het badwater het kind w e g

te gooien. Hij heeft gelijk als hij constateert dat op de V . U . heel

veel dingen precies zo gaan als op elke andere universiteit. Maar

hij heeft ongelijk als hij stelt dat er geen verschil is. De oudere

student, die wat verder Is gekomen dan tot het aanleren van de

eerste techniek van zijn studievak, uit die klacht dan ook vaak

minder. Hij Is bij zijn studie tot diepere vragen gekomen en juist

daarbij spreekt de levensbeschouwing In vraag en antwoord veel

sterker mee.

25

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1963

Publicaties VU-geschiedenis | 108 Pagina's

Kijk op VU! - pagina 27

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1963

Publicaties VU-geschiedenis | 108 Pagina's