Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 61

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 61

Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam

3 minuten leestijd

een rijksuniversiteit zich toch bij zijn wetenschappelijke arbeid laat leiden

door bijvoorbeeld zijn diepste, levensbeschouwelijke overtuiging dan moet

hij daartoe op grond van de vrijheid van de wetenschap gerechtigd geacht

worden. Aan te nemen valt, dat het onderwijsartikel zich er slechts tegen zou

verzetten indien een openbare instelling van wetenschappelijk onderwijs als

geheel zich op een bepaalde en derhalve niet neutrale grondslag zou plaatsen.

Terwijl de individuele docenten vaak moeilijk op neutrale wijze onderwijs

zullen kunnen geven, zullen de universiteiten zich als verzameling van docen-

ten en wetenschappelijke arbeiders wel zo neutraal mogelijk hebben op te

stellen; het collectiefis neutraal, het individu is dat niet.

II.1.3. De vrijheid van hoger onderwijs in de periode 1876—1901

Door het bijzonder hoger onderwijs nagenoeg ongeregeld te laten verleende

de HO-wet dit onderwijs een grote, soms zelfs onbeperkte vrijheid. Tot op

zekere hoogte heeft de VU van de geboden vrijheid een dankbaar gebruik

gemaakt. In de eerste plaats getuigt daarvan de stichting van deze bijzondere

universiteit als zodanig. De richting van het onderwijs werd bepaald door de

gereformeerde grondslag van de Vereniging, waarvan zij uitging. Het leidt

geen twijfel, dat zowel bij de benoeming der docenten als bij de keuze der

leermiddelen die richting volledig tot haar recht is gekomen.

Op het punt van de inrichting van het bestuur werd de VU door geen wet-

telijke voorschriften gehinderd. Gekozen werd voor een bestuursstructuur,

die enerzijds voldoende herkenningspunten met die van rijksuniversiteiten

opleverde, maar die anderzijds tegemoet kon komen aan het eigen privaat-

rechtelijk en bijzonder karakter van de VU. Naast colleges als de senaat en

een college van curatoren had het bestuur van de Vereniging voor Hoger

Onderwijs op Gereformeerde Grondslag, het college van directeuren, een

duidelijke taak ten aanzien van het bestuur van de universiteit.

Omstreden is thans de vraag of de vrijheid van onderwijs ook de vrijheid

van inrichting van het bestuur omvat. Duidelijk is evenwel, dat de wetgever

van 1876 bij zijn nadere uitwerking van de grondwettelijk gewaarborgde

onderwijsvrijheid het bijzonder onderwijs op dit punt bewust of onbewust

volkomen vrij heeft gelaten. Omgekeerd kon de wetgever niet veronderstel-

len, dat het bijzonder onderwijs zich met zijn privaatrechtelijk karakter zou

richten naar het pubUekrechtelijk georganiseerde openbaar onderwijs, zodat

ook uit dien hoofde mag worden aangenomen, dat de vrijheid van inrichting

van het bestuur een sequeel is van de vrijheid van onderwijs. Dat de vrijheid

van inrichting van het bestuur gedurende lange tijd is beschouwd als vol-

komen vanzelfsprekend en daarom vrijwel niet ter discussie heeft gestaan,

evenmin als de omstandigheid, dat van deze connexe vrijheid slechts een be-

scheiden gebruik werd gemaakt, kunnen daaraan iets afdoen.

Niet alleen de inrichting van het bestuur van de VU, ook de inrichting van

het onderwijs verschilde van die aan de rijksuniversiteiten.^^ Toch schijnen

33. De Ru, blz. 20, wijst erop, dat de VU in deze periode al een propedeutisch examen

aan de juridische faculteit kende. Ook wijst hij erop, dat men vóór 1905 aan de VU niet

promoveerde in de Rechtswetenschap of in de Staatswetenschap, zoals bij de rijksuniversi-

51

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 61

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's