Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 96

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 96

Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam

3 minuten leestijd

spoedig met het voorstel om een zg. plaatsingscommissie voor eerstejaars-

studenten in de geneeskunde in te stellen en de toeloop van buitenlandse

studenten te beperken.'^"' Het college van curatoren van de VU achtte de

instelling van een plaatsingscommissie echter een uhimum remedium, waar-

aan voorshands nog geen behoefte bestond.^"^ Inderdaad erkende minister Bot,

dat de bijzondere universiteiten 'vrij blijven hun besüssingen terzake zelf-

standig te nemen', maar hij verzocht de VU dringend om aan de instelling

van een plaatsingscommissie te willen meewerken.^"' In vrijheid besloot de

VU aan dit verzoek gehoor te geven. ^'^

De instelling van een plaatsingscommissie remde de toeloop van eerstejaars-

studenten in de geneeskunde nauwelijks af, zodat bij het optreden van het

kabinet-Cals in 1965 verdergaande maatregelen in uitzicht werden gesteld.^''

De medische faculteiten zelf hoopten op de instelling van een numerus fixus,

dat wil zeggen een beperkte toelating van studenten.^'^ De anti-revolutio-

naire minister prof. mr. LA. Diepenhorst zocht de oplossing van de

problemen echter voorshands in het stichten van een zevende medische

faculteit te Rotterdam.^'^ Dit besluit was nog maar amper gevallen of de

minister staakte zijn verzet tegen de numerus fixus en nam de voorbereiding

van een wetsontwerp ter hand. Een meerderheid in de Tweede Kamer achtte

de invoering van een numerus fixus evenwel een onaanvaardbare aantasting

van de vrijheid van studiekeuze en wees een wetsvoorstel-Diepenhorst af.^'"*

Op iets langere termijn konden de stichting van de zevende medische

faculteit in Rotterdam, de introductie op ruimer schaal van de affiliatie van

de academische ziekenhuizen met algemene ziekenhuizen en een wijziging

van het curriculum voor het medisch wetenschappelijk onderwijs^'^ toch niet

verhinderen, dat de roep om maatregelen tegen de onstuitbare toeloop van

studenten bij het medisch wetenschappelijk onderwijs herleefde. Dr.

G.H. Veringa, die in het in 1967 opgetreden kabinet-de Jong de portefeuille

van Onderwijs en Wetenschappen beheerde, stelde in 1969 in zijn nota

207. Brief aan alle colleges van curatoren dd. 23 december 1963, DGW 107996.

208. Brief van curatoren VU dd. 13 februari 1964, Archief curatoren VU 1964, no.

114. Bi] brief dd. 12 maart 1964, DGW 111825 stelde minister Bot niettemin een plaat-

singscommissie in.

209. Brief van minister Bot aan de president-curator VU dd. 12 maart 1964, M. 216.

210. Zie achtereenvolgens brieven van curatoren VU dd. 25 maart en 13 april 1964,

Archief curatoren VU 1964, nos. 114 a en b, 358; zie ook KB van 3 april 1964, no. 27

(ongepubliceerd).

211. Regeringsverklaring dd. 27 april 1965.

212. Zie de verslagen van het overleg van de minister met de rectores-magnifici en de

presidenten-curator dd. 24 mei 1965, en met het interfacultair medisch overleg en de

plaatsingscommissie dd. 10 mei en 22 juli 1965; brief dd. 5 augustus 1965, DGW 131854.

213. Besluit mmisterraad dd. 7 mei 1965; vgl. brief dd. 21 mei 1965, DGW 128805.

Eerst werd een Commissie voorbereiding medische faculteit Rotterdam ingesteld; beschik-

king dd. 17 mei 1965, DGW 128905. Zie voorts Bijlagen bij de Handelingen II

1965-1966, no. 8490; wet van 15 juni 1966, Stb. 267. Deze wet is mmiddels vervangen

door de wet Rijksuniversiteit Rotterdam van 1973.

214. Ontwerp dd. 5 maart 1966, Bijlagen bij de HandeUngen II 1965-1966, no. 8508;

zie ook Handelingen H 1965-1966, blzz. 2278-2307, 2312-2328 en 2330-2335. Uit-

slag van de stemming: 80 tegen 49.

215. AMvB dd. 8 oktober 1968, Stb. 508.

84

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 96

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's