Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 110

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 110

Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam

3 minuten leestijd

gaven.^' Dit stelsel hield volgens de regering de heffing van een algemene

belasting ten behoeve van het bijzonder onderwijs in en betekende boven-

dien, dat het onderwijs zich zou oplossen tot een vorm van armenzorg.^^

Tenslotte werd ook de mogelijkheid van gelijke salariëring van al het perso-

neel bij zowel de openbare als de bijzondere scholen geopperd.^^

In 1878 diende de liberale minister Kappeyne van de Coppello een wets-

ontwerp tot vervanging van de bestaande LO-wet in. Een voorstel tot finan-

ciële steun aan het bijzonder lager onderwijs in de vorm van subsidie, restitu-

tie, subventie of anderszins werd daarin niet gevonden, maar wel voorstellen

tot financiële steun uit 's rijks kas aan de openbare scholen en tot verzwaring

van de aan openbare en bijzondere onderwijsvoorzieningen te stellen eisen.^^

Heftige protesten uit de kring van het bijzonder onderwijs tegen dit 'koele,

onbarmhartige, diepkrenkende staatsstuk'^^ mochten evenwel niet baten: op

7 augustus 1878 aanvaardde na de Tweede ook de Eerste Kamer het wetsont-

werp met grote stemmenmeerderheid. ^^ Tegen deze wet richtte zich een

volkspetitionnement. In vijf dagen tijds werden ruim 300.000 handtekenin-

gen verzameld onder een smeekschrift aan de Koning: 'Plaats, Sire, onder

zulk een wetsvoordracht Uwe Koninklijke handtekening nooit!'.^^ De

Koning gafaan deze petitie echter geen gehoor; in 1880 trad de nieuwe LO-wet

in werking.

Vanaf het inwerkingtreden van deze nieuwe wet zetten de antirevolutio-

nairen, gesteund door de katholieken, in de Tweede Kamer een veldtocht in

tot wijziging van het onderwijsartikel in de Grondwet.^* Zonder veel succes.

Op 9 april 1886 werden een regeringsvoorstel tot grondwetsherziening en

verscheidene amendementen daarop door de Tweede Kamer verworpen. Een

betere bejegening kreeg aanvankelijk een voorstel-Schaepman, dat beoogde in

de Grondwet te verankeren, dat de kosten van openbaar en bijzonder lager

onderwijs in bepaalde gevallen geheel uit de openbare kassen moesten

2L Aldus par. 6 van de 'Memorie ter adstructie van het smeekschrift aan Zijne Majesteit

den Koning inzake de wetsvoordracht tot regeling van het lager onderwijs', augustus

1878.

22. Rapport van minister Kappeyne van de Coppello naar aanleiding van het volks-

petitionnement; Stct. dd. 20 augustus 1878.

23. Zie ook par. 6 van de 'Memorie ter adstructie', augustus 1878.

24. Bijlagen bij de Handelingen II 1877-1878, no. 130, dd. 1 maart 1878. Uit de toe-

lichting: 'Is menigeen op grond van individuele en subjectieve zienswijze niet tevreden

met de openbare school, daarvoor is in de naam der gewetensvrijheid volledige vrijheid

van onderwijs daar; maar inrigtingen, waarbij men het verdeelen bedoelt van hetgeen de

wet begeert vereenigd te houden, hebben op onbelemmerd aanzijn, niet op begunstiging

regt'.

25. Kuyper in de Standaard van 18 maart 1878: 'Nooit of nimmer is de vrije school zóó

ruw en zóó hardhandig aangepakt en op zóó barbaarsche manier van de stoep afgedrongen

als in dit koele, onbarmhartige, diepkrenkende staatsstuk'.

26. Handelingen 1 1877-1878, blzz. 247 e.v., de stemverhouding was 26 vóór en 10

tegen.

27. Zie 'Gedenkboek de Unie', blzz. 25-165.

28. Vgl. Kasteel, blz. 134. Hij citeert Lohman: 'Ik wil terug tot de Hberale partij, die in

1848 in de Grondwet geschreven heeft vrijheid van onderwijs zonder meer, en zonder

daarnaast te zetten, dat de Staat het recht zal hebben de vrijheid van onderwijs te be-

lemmeren door middel van geldkwestiën'.

98

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 110

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's