Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 132

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 132

Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam

3 minuten leestijd

De wordingsgeschiedenis van de wet tot subsidiëring van aangewezen

bijzondere universiteiten en hogescholen begon met een uitvoerige raadple-

ging van de confessionele'^* bijzondere insteUingen. De regering had zich

weliswaar de subsidiëring van het bijzonder hoger onderwijs ten doel gesteld,

maar alles wijst er op, dat zij eigenlijk geen flauwe notie had hoe die vork in

de steel gestoken moest worden. Daarom werden eerst de te subsidiëren

instellingen zelf gepolst over hun standpunt ten aanzien van het beginsel van

subsidiëring, de wettelijke grondslag daarvan, het stelsel en de voorwaarden

van subsidiëring.'^''

Procedureel was een consultatie van de betrokken bijzondere universiteiten

en hogescholen juist te achten. Ook indien men er van uitgaat, dat de ver-

lening van subsidie bij eenzijdige publiekrechtelijke rechtshandehng tot stand

komt'^^ — en dit is vrijwel zonder uitzondering het geval — dan nog zal het

noodzakelijk zijn, dat tussen de subsidiërende overheid en de te subsidiëren

instellingen een zekere mate van wilsovereenstemming bestaat omtrent de te

treffen regeling. Het gevaar van subsidieverlening bij eenzijdige rechtshande-

ling is, dat een regehng of voorwaarden tot stand komen, die voor de te sub-

sidiëren particulieren onaanvaardbaar zijn. Temeer geldt dit in de gevallen,

waarin de subsidieregeling bij wet tot stand komt en derhalve minder flexibel

en aanpasbaar is dan een subsidieverlening bij individuele beschikking; een

individuele beschikking en zeker de ongereglementeerde is in beginsel vrij

eenvoudig te wijzigen, indien zou blijken, dat de getroffen regeling niet aan

de eisen van de praktijk beantwoordt. Het is derhalve geboden om met name

wettelijke subsidieregelingen niet eenzijdig, maar juist in overleg voor te be-

reiden, opdat bij de uiteindelijke eenzijdige vaststelling van de subsidie-

regeling de aanvaardbaarheid daarvan voor de gesubsidieerden vast staat.'^'

De opvattingen van de geraadpleegde instellingsbesturen lagen niet ver uit-

een. Voorop stond, dat het als gevolg van de erkenning van de vrijheid van

onderwijs en de vrijheid van richting een eis van verdelende gerechtigheid is

om de verschillende richtingen van onderwijs naar gelijke maatstaf uit de

pubheke middelen te steunen.'*" Subsidiëring werd principieel juist en in de

lijn van de onderwijspacificatie geacht.'*' Het te verwezenlijken subsidie-

stelsel zou de vrijheid van handelen zo min mogelijk mogen belemmeren;

niettemin werd het recht en zelfs de plicht van de overheid erkend om zich

zekerheid te verschaffen omtrent de besteding van de subsidiegelden. Met het

oog daarop achtten de besturende colleges van de VU het beter om de over-

heidssteun voorlopig te beperken tot de uitgaven voor de stichting, instand-

houding en inrichting van gebouwen. Daarnaast zouden als vanouds bepaalde

156. De NEH is tot het laatst buiten de voorbereiding van de wet-Gielen gehouden.

157. Sassen vroeg mondehng om deze informatie, notulen vergadermg directeuren VU

dd. 3 augustus 1946, blz. 904.

158. Vgl. par. III.4.1., Steenbeek, blzz. 84-85.

159. Ziepar. III.8.

160. Aldus het Nijmeegse standpunt; bnef dd. 20 augustus 1946, no. Q 11596/545,

Archief K.H. Tilburg.

161. Aldus het standpunt van de VU; notulen vergadermg directeuren, curatoren en

senatus contractus d.d. 14 september 1946, blzz. G. 47—48. Zie ook Archief directeuren

VU 1945, no. la, de nota-Boesenkool.

120

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 132

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's