De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 128
Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam
vorm van een KB. Dit hangt samen met de omstandigheid, dat vóór 1952
ministers niet bevoegd waren om zelfstandig subsidies te verlenen.'^^ Deze
ongereglementeerde, individuele subsidies hadden voor de VU het nadeel, dat
zij zich niet op enige regeling kon beroepen toen de subsidiebedragen een-
zijdig werden verlaagd. Duidelijk bleek hier het voordeel van de grotere
rechtszekerheid bij de meer gereglementeerde rechtsvormen van subsi-
diëring;'^* daar staat echter tegenover, dat in deze periode de VU vrijwel niet
aan subsidievoorwaarden werd gebonden.'^'
De KU wist zich van de oprichting af van beduidend meer subsidie te ver-
zekeren. De stichting van deze universiteit werd vooraf gegaan door jaren-
lange onderhandelingen met het gemeentebestuur van Nijmegen over de om-
vang van de jaarlijks aan de universiteit te verlenen financiële steun. De naar
commercie riekende aanpak van de St. Radboudstichting lokte nogal wat
kritiek uit en ook in de gemeenteraad van Nijmegen werd over de subsi-
diëring niet eenstemmig gedacht. Niettemin kon de KU zich op grond van
een overeenkomst met de gemeente vanaf 1923 verzekerd weten van een
jaarlijks subsidie van een ton.'^*
De KU heeft later bestreden, dat deze ton een subsidie zou zijn. De Kroon,
die te beslissen had over de vraag of dit standpunt juist was, overwoog
echter, 'dat de enkele aanwezigheid van deze wilsovereenstemming niet tot
gevolg kan hebben, dat een overheidsdaad, welke in wezen een subsidiever-
lening is, het publiekrechtelijk lichaam, in casu de gemeente Nijmegen,
maakt tot partij in een burgerrechtelijke overeenkomst, ook niet, als uit die
wilsovereenstemming verplichtingen van de gesubsidieerde tegenover de
subsidieverlenende overheid ontstaan'.'^' Steenbeek, die weliswaar niet uit-
sluit, dat hier inderdaad een subsidie voorhanden was, acht deze conclusie
onaanvaardbaar onder meer, 'omdat de Kroon het ten onrechte mogelijk
acht het eenzijdig karakter van de verplichtingen scheppende rechtshandeling
vol te houden, ook wanneer de verpHchtingen voortvloeien uit de wilsover-
eenstemming'.''"' Dit argument van Steenbeek is intussen niet zeer sterk; er
zijn meerdere gevallen aan te wijzen, waar ondanks het bestaan van wilsover-
eenstemming tussen de overheid en haar wederpartij toch van een eenzijdige
rechtshandeling wordt uitgegaan. Het bekendste, tevens omstreden, voor-
beeld is de aansteUing van de ambtenaar.''*' Om in de sfeer Van het onder-
werp te blijven: ook in alle andere gevallen van subsidieverlening dient tussen
de subsidiërende overheid en de gesubsidieerde overeenstemming te bestaan
over de aanvaardbaarheid van de subsidievoorwaarden. ''*^
135. Zie hiervoor par. III.3.4., blz. 111.
136. Vgl. Belinfante: 'De vier rechtsvormen', blz. 11.
137. Eigenhjk de enige voorwaarde was, dat een jaarlijks verslag omtrent het verloop
van de onderzoekingen zou worden uitgebracht.
138. Zie Brom, blzz. 96—109: 'Beleg van Nijmegen'. Naast een geldelijke bijdrage ver-
kreeg de KU ook de beschikking over een aantal terreinen voor de huisvesting. Op 11 mei
1923 werd de overeenkomst met een looptijd van 75 jaar afgesloten.
139. KB van 10 september 1955, no. 23.
HO.T.a.p. blzz. 84-85.
141. Zie o.a. 'Nederlands bestuursrecht', hoofdstuk VI.
142. Ziepar. 1II.8.2.
116
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978
Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978
Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's