De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 59
Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam
deze vrijheid met behulp van bepalingen, die in de eerste plaats zijn bedoeld
om de kwaliteit van het openbaar wetenschappelijk onderwijs te handhaven
en te waarborgen, toch weer heeft beperkt en aldus het openbaar onderwijs
onder staatsvoogdij heeft gebracht. Deze redenering kan geen stand houden;
naar ook de VU zelf heeft moeten ervaren is de vrijheid van de wetenschap
niet veel waard, tenzij de overheid de benodigde sommen gelds ter beschik-
king stelt, nu deze bedragen op andere wijze onverkrijgbaar zijn.^'
Dat de wetenschap - ook aan de VU - vrij behoort te zijn, sluit intussen
niet uit, dat zij zich een bepaald beginsel als uitgangspunt kiest. 'Hoe zou een
man, wiens denken elk aanvangspunt mist, ooit iets wetenschappelijk onder-
zoeken'.^^ Met recht kon Kuyper erop wijzen, dat er een afzonderlijke
Griekse, Arabische en Scholastieke wetenschap geweest zijn. Het weten-
schappelijk denken aan de VU zou zijn centrale, regulatieve ideeën ontlenen
aan het bijbels grondmotief." Vanuit eigen gereformeerde beginselen zou de
VU Souvereiniteit vragen in eigen wetenschappelijke kring. In feite is hier
niet sprake van één, maar van twee interfererende kringen; in de eerste plaats
de levensbeschouwelijke, gereformeerde kring en in de tweede plaats de
wetenschap. Nu doemt de vraag op of aan de vrijheid van wetenschap vol-
komen recht kan worden gedaan, wanneer deze vrijheid wordt toegespitst op
het onbelemmerd kunnen onderrichten en onderzoeken, maar dat onder een
volkomen rechtdoen aan de eigen diepste overtuiging.^''
In de jaren 1903 tot 1905 heeft deze vraag een belangrijke rol gespeeld.
Zowel vanuit de rijksuniversiteiten als vanuit de Staten-Generaal zijn toen
stemmen opgegaan, dat wanneer de vrijheid van wetenschap aldus wordt be-
ïnvloed door de eigen diepste overtuiging er sprake is van een 'gedwongen
marschroute', van 'gebondenheid der leraren' en van propaganda. Het gehalte
van het onderwijs aan de bijzondere universiteiten zou door deze overtuiging
op onwetenschappelijke wijze worden aangetast; 'bijzondere universiteiten
zijn dogmatische universiteiten, doch een dogmatische universiteit is geen
universiteit'.^^ Sedertdien heeft de gedachte, dat ook wetenschappelijke
arbeid kan en mag stoelen op de overtuiging van de wetenschappelijke onder-
zoeker zelf, in breder kring ingang gevonden; wanneer 'de christendenker zijn
hart onder beslag brengt van het bijbels grondmotief, zal hij trachten de cen-
trale richting van zijn wetenschappelijke arbeid op dit motief te betrekken'.-^*
Als grondslag voor alle onderwijs koos de VU de gereformeerde beginselen.
In zijn inwijdingsrede illustreerde Kuyper hoe aan deze beginselen in de
verschillende faculteiten vorm gegeven kan worden. 'Wat spreekt men van de
medische faculteit. Niet een ziek zoogdier is het toch immers, maar een
21. Vgl. Diepenhorst- 'Universiteit en wetenschap in beweging', 1969, blz. 56.
22. 'Souvereiniteit in eigen kring', blz. 32.
23. Vgl. prof. mr. H.J. van Eikema Hommes: 'Methode der encyclopedie en Hoofdlijnen
van de geschiedenis der rechts- en staatsfilosofie', 1975, blz. 56.
24. Vgl. Diepenhorst: 'Universiteit en wetenschap in beweging', blzz. 62—63.
25. Voorlopig Verslag van de Eerste Kamer op het wetsontwerp van minister Kuyper in
1905; zie ook par. n.2.2.
26. Aldus Van Eikema Hommes, blz. 56.
49
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978
Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978
Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's