De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 92
Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam
Van de bijzondere instellingen werd verwacht, dat zij een behoorlijke
bijdrage aan deze ontwikkehngen zouden leveren. 'De bijzondere universitei-
ten zullen, wanneer zij eenmaal volledig zijn uitgegroeid, waarschijnlijk alle
belangrijke studierichtingen omvatten'. Het voornemen werd geuit om ook
de beide economische hogescholen verder uit te bouwen door het instellen
van juridische faculteiten. Niet afwijzend stond de minister tegenover de
eventuele vestiging van een klinische opleiding in Zuid-Limburg, 'die organi-
satorisch in een filiaalverhouding zou dienen te staan tot de Nijmeegse uni-
versiteit'. Tandheelkundige secties zouden worden toegevoegd aan de
R.K.-Universiteit en 'in interuniversitaire samenwerking aan de beide
Amsterdamse universiteiten'. Tenslotte beoogde de minister om, na de vesti-
ging van een derde technische hogeschool te Drienerlo (Twente) een vierde in
de omgeving van Amsterdam te stichten, die nauw zou kunnen samenwerken
met de beide universiteiten daar.''*
Met grote voortvarendheid nam minister Cals de uitvoering van zijn beleids-
nota ter hand. Binnen enkele maanden diende hij een wetsontwerp in,
dat voorzag in de vestiging van een TH in Twente en de instelling van
faculteiten der rechtsgeleerdheid aan de twee economische hogescholen.'*'
Deze spoed stuitte evenwel op verzet bij de Tweede Kamer,''* die een beslis-
sing over de instelling van twee nieuwe juridische faculteiten wenste uit te
stellen tot na een gedachtenwisseling over de nota 'Uitbreiding van het
wetenschappelijk onderwijs'. Tot grote teleursteüing van de twee hoge-
scholen trok minister Cals daarop inderdaad het betreffende deel van zijn
wetsontwerp in en verenigde de Kamer zich met de stichting van een
derde T H . ' ' '
Nadrukkelijk werden de hogescholen hier geconfronteerd met de gevolgen
van de in 1960 aanvaarde wetsconstructie, die het onmogelijk maakte, dat
bijzondere hogescholen zonder medewerking van de wetgever tot de instel-
ling van nieuwe faculteiten zouden overgaan; de wet duidde de bijzondere
instellingen immers afzonderlijk aan, omschreef precies wat onder een hoge-
school moest worden verstaan en sloot aldus de uitbreiding van hogescholen
met niet in de omschrijving van hogescholen in de wet genoemde faculteiten
uit. Dit maakte het de beide economische hogescholen onmogelijk om
zonder medewerking van de wetgever zelf nieuwe faculteiten in te stellen: de
vrijheid daartoe was uit de wet verdwenen. ^ Hevige aandrang werd dan ook
blzz. 338 e.v. en 1959/1960, blzz. 378 e.v. Zelf dacht minister Cals nog aan verdere struc-
tuurveranderingen door invoering van baccalaureaatsstudies.
196. Een voorstel om in de gemeente Rotterdam een medisch wetenschappelijke oplei-
ding te vestigen werd niet overgenomen; zie J.M.W. Binneveld en H.H. Vleesenbeek:
'Medische Faculteit Rotterdam, analyse van een experiment', 1976, blzz. 9—19.
197. Bijlagen bij de HandeUngen II 1960-1961, nos. 6302 en 6397.
198. De Kamer werd mede geïnspireerd door prof. mr. J.C. van Oven, die ernstig twijfel-
de aan de noodzaak om aan de hogescholen juridische faculteiten in te stellen; zie
'Nieuwe faculteiten der rechtsgeleerdheid' in NJB no. 17 dd. 29 april 1961, blzz. 357 e.v.
199. Wet van 23 november 1961, Stb. 387. Zie ook 'De TH Twente als Campus-hoge-
school'; Bijlagen bij de Handelingen II 1963-1964, no. 7582. '
200. Naast de formele vrijheid tot het oprichten van nieuwe faculteiten ontbrak het de
82
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978
Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978
Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's