De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 104
Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam
instemming daarmee. Toch is de wet Herstructurering ook voor het bijzonder
wetenschappelijk onderwijs wel degelijk van principiƫle betekenis.
Sedert de verwerving van de effectus civilis door de VU in 1905 zijn door
de wetgever aan het bijzonder wetenschappelijk onderwijs uitsluitend voor-
waarden voor aanwijzing, c.q. erkenning gesteld, die beoogden de kwahteit
van het bijzonder onderwijs deugdelijk, dat wil zeggen boven een bepaald
niveau te houden. Onderwijs was deugdelijk of het was dat niet, maar graden
van deugdelijkheid werden door de overheid niet aangelegd.^'*^ De wet Her-
structurering heeft in deze situatie een keer gebracht; door middel van vooral
praktische belemmeringen is de kwaliteit van het wetenschappelijk onder-
wijs nu ook aan een bovengrens gebonden. Ook aan het bijzonder onder-
wijs is de vrijheid ontnomen om de kwahteit van het onderwijs boven een
bepaald peil te laten uitstijgen; de paradoxale situatie is ontstaan, dat indien
het bijzonder onderwijs met behulp van een langere inschrijvings- of cursus-
duur de kwaliteit van het onderwijs zou kunnen doen stijgen, dat dan de
erkenning van dit bijzonder onderwijs door de overheid moet worden inge-
trokken.
Het kan nooit de opzet van de wetgever geweest zijn om de deugdelijkheid
van het bijzonder wetenschappelijk onderwijs te waarborgen door deze aan
een bovengrens te binden. Op grond daarvan mag worden aangenomen, dat
de wetgever zich heeft vergist toen hij de wet Herstructurering tot een voor-
waarde voor erkenning en bekostiging voor het bijzonder wetenschappelijk
onderwijs verklaarde. Bedoeld moet zijn om door middel van de wet Her-
structurering de doelmatigheid van openbaar en bijzonder wetenschappelijk
onderwijs in gelijke mate te verhogen, zodat valt aan te nemen, dat de wet-
gever had kunnen volstaan met de wet Herstructurering tot een voorwaarde
voor bekostiging te verklaren.
Getoetst aan het criterium van de kwaliteit van het onderwijs blijkt de wet
Herstructurering als voorwaarde voor de erkenning geen bijdrage te leveren
aan de verbetering van de kwaliteit van het bijzonder wetenschappelijk
onderwijs. Uit dien hoofde vormt de wet Herstructurering als voorwaarde
voor erkenning een ongerechtvaardigde inbreuk op de vrijheid van onderwijs.
n.7.3. De samenhang van HBO en WO
Minder fortuinlijk dan het wetsontwerp herstructurering wetenschappelijk
onderwijs van minister Veringa verging het zijn wetsontwerp samenhang
HBO-WO. Dit ontwerp beoogde 'regelingen tot stand te brengen, die af-
wijken van het huidige wettelijke bestel, voorzover dit laatste een ontwikke-
hng van vormen van HBO in de richting van het tertiair onderwijs in de weg
staat'. De verschillende ambtsopvolgers van minister Veringa, te beginnen
met minister zonder portefeuille De Brauw en minister mr. C. van Veen, her-
kenden te weinig van hun eigen opvattingen in dit wetsontwerp. In plaats daar-
245. In een aantal gevallen pleegt in de samenleving nog wel onderscheid te worden
gemaakt tussen de kwaliteit van verschillende erkende opleidingen. Iemand kan door een
leerling te zijn van X soms hoger worden aangeslagen dan een leerling van Y; dit onder-
scheid is dan echter niet op juridische overwegingen gebaseerd.
92
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978
Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978
Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's