Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 105

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 105

Academisch proefschrift ter verkrijging van de graag van doctor in de Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit te Amsterdam

3 minuten leestijd

van brachten zij een tweetal zogenaamde reisnota's^ uit, waarin een

verruiming van de overgangsmogelijkheden van HBO-instellingen naar instel-

Ungen van wetenschappelijk onderwijs en vice versa werd bepleit. Toen hij

reeds ruimschoots demissionair was deed minister Van Veen nog een voor-

ontwerp van wet ontwikkeling hoger onderwijs uitgaan.^'"

De belangrijkste doelstellingen van dit voorontwerp waren om het bestaan-

de, beweerdelijk elitaire tertiair onderwijs om te zetten in een gedifferen-

tieerd hoger ondervidjs voor velen. Het beleid op de korte termijn zou erop

gericht moeten zijn om de bestaande 'typen van tertiair onderwijs in een

zodanig verband te brengen, dat zij bij de op langere termijn verwachte

ontwikkelingen zouden aansluiten'. Om de onderlinge samenhang te bevor-

deren zouden universiteiten en hogescholen samenwerkingsovereenkomsten

met HBO-instellingen kunnen aangaan.^''^ De daaruit resulterende samen-

werkingsverbanden zouden niet regionaal van opzet behoeven te zijn, vooral

ook, omdat onder meer de 'VU bij meerdere gelegenheden de mogelijkheid

bepleit om ook met die HBO-instellingen, die verder weg gelegen zijn, te

kunnen gaan samenwerken'.^"'

De bijzondere universiteiten en hogescholen voorzagen het voorontwerp-

Van Veen uitvoerig van commentaar. Zij betreurden, dat het voorontwerp

weinig oog had voor levensbeschouwelijke diversiteit. 'Bovendien zijn wij van

mening, dat dit voorontwerp meer geschfeven is vanuit de beheersproblema-

tiek van de overheid dan vanuit de samenwerkingsmogelijkheden in het

onderwijsveld. Het lijkt ons in principe niet juist, dat de overheid haar be-

heersproblemen afwentelt op de ruggen van de onderwijsinstellingen door de

voor de overheid meest aantrekkelijke samenwerkings- en beheersstructuren

voor te schrijven aan het onderwijs'.^^^

Het voorontwerp-Van Veen is evenals het ontwerp-Veringa roemloos ten

onder gegaan. De volgende minister, dr. J.A. van Kemenade, en diens beide

staatssecretarissen Klein en Veerman, hebben in hun Contourennota^^' de

bezwaren tegen het voorontwerp samengevat. Het HBO zou 'volgens de ge-

dachte regehng met annexatie doof het wetenschappelijk onderwijs bedreigd'

worden; doordat de samenwerking werd opgehangen aan onderling verwante

studierichtingen zouden grote gebieden buiten de samenwerking komen te

vallen. 'Uitspraken over meer gelijkheid van voorzieningen, titulatuur en

rechtspositie ontbreken. Ten slotte is nogal wat twijfeluitgesproken over de

246. De nota's 'Op weg naar een hoger onderwijs nieuwe stijl', Bülaeen biirfp.HanHo-

lingenll 1971-1972, no. 11697. nrs. 2 en 3.

247. Bijlagen bij de Handelingen II 1972-1973, no. 11697, nr. 4.

248. Daarin zou in elk geval de instelling van een gemeenschappelijk orgaan tussen

'partijen' geregeld moeten worden.

249. Artt. 1—35 van het voorontwerp behandelden de voorwaarden voor bekostiging

ten aanzien van: onderwijs, examens, personele aspecten, de bekostiging, het toezicht en

de titulatuur.

250. Zie gezamenUjke brieven van de VU en de Stichting Protestants Christelijk Onder-

wijs in Nederland dd. 21 november 1973, no. 1091 en 1093/73 aan de bewindslieden van

Onderwijs en Wetenschappen. Zie ook de brieven van de KU dd. 10 October 1973, no.

196835 aan de minister en de voorzitter van de Academische Raad.

251. De nota 'Contouren van een toekomstig onderwijsbestel'. Bijlagen bij de Hande-

üngenll 1974-1975, no. 13459.

93

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's

De vrijheid van het bijzonder onderwijs - pagina 105

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1978

Publicaties VU-geschiedenis | 264 Pagina's