Een blinkend spoor - pagina 168
Beeld van een eeuw geschiedenis der vereniging voor wetenschappelijk onderwijs op gereformeerde grondslag 1879-1979
niet altijd van overtuigd. Dat zette kwaad bloed en de kunnen vermoeden. Geloof en idealisme hebben deze
voortvarende en enthousiaste Buytendijk zal die controle nuchtere mens niet belet de waarheid te zien. In een
op zijn financieel beheer waarschijnlijk niet als noodza- particuliere brief van augustus 1925 schrijft hij aan domi-
kelijke zuinigheid, maar meer als benepenheid hebben nee van Schelven in weliswaar geijkte, maar daarom niet
ervaren. In de notulen van directeuren van 1918 lezen we minder ware taal:
dat de rector bij directeuren klaagt: Nu hebben we samen. Prof. B(uytendijk) en ik, om des
In de tweede plaats was hem opgedragen, een opmerking beginsels wille, veel smaad en spot gedragen, we zijn door
omtrent het physiologisch Laboratorium in het midden te allerlei omstandigheden veel meer in contact met de col-
brengen. Bij andere faculteiten namelijk werden belangrij- lega's van de openbare univ. dan de professoren van andere
ke uitgaven gedaan, na den Senaat gehoord, bij de Me- fac. aan de V. U., maar moet dit zoo blijven, nu we zoo
dische faculteit werd daarvan afgeweken, èn omdat men allerwegen bespeuren, dat de weg ons afgesneden wordt?
prof. Bouman vertrouwde èn wegens het verband met Veld- En enkele maanden later vat hij in groot publiek enkele
wijk. Dr. Buytendijk evenwel voelt zich nogal en treedt praktische bezwaren tegen het gebrekkig functioneren
nogal op. Op financieel gebied is de indruk, dat men rem- van de eigen medische faculteit zakelijk samen:
mend moet te werk gaan. De studenten^ moesten op onmogelijke uren komen . .. en
Wel wezen directeuren deze klacht beslist af, maar dui- moesten b v. na een vermoeiende snijkamer-middag den
delijk is toch wel, dat ook nog ruim tien jaar na de eerste verren afstand naar het Valeriusplein afleggen, wat voor
benoeming in wat men niet geheel realistisch de me- de meesten als een te zware taak beschouwd werd. Boven-
dische faculteit noemde, de perspectieven niet onver- dien nam Prof. Buytendijk toch geen examen af en hoe
deeld gunstig waren. weinigen hopen niet-verplichte colleges. Maar al zouden
Niet geheel realistisch — want hoewel de wet geen aantal deze bezwaren niet gegolden hebben, toch bleef het feit,
hoogleraren noemt om de benaming „faculteit" te recht- dat van eigenlijke opleiding geen sprake kon zijn.
vaardigen, wordt in de praktijk die naam pas gebruikt als Toen Bouman bij de overdracht van het rectoraat in 1925
een zelfstandige afdeling drie gewone hoogleraren telt, deze uitspraak deed, was de grote vernietigende slag al
omdat voor het verkrijgen van de effectus civilis voor een gevallen: Zijn collega Buytendijk had een benoeming tot
faculteit de wet minstens drie gewone hoogleraren vereis- hoogleraar aan de rijksuniversiteit te Groningen al in
te. En daarop bestond voor de VU nog geen uitzicht om december 1924 aanvaard en de tweede slag was kort
de twee bekende redenen. Aan een opleiding tot arts — en daarna gevolgd: Bouman nam een benoeming aan de
daar ging het van het begin aan toch om — was in de jaren rijksuniversiteit te Utrecht aan (1925). Hoe „goed" pro-
twintig nog geen denken. Wel vindt men al in 1905 twee fessor Bouman van de VU scheidde moge blijken uit zijn
studenten voor de medische faculteit ingeschreven zelfs vriendelijke en erkentelijke ontslagaanvrage bij directeu-
vóór er nog een hoogleraar was (zie hoofdstuk V), en in ren, waarin hij onder meer schrijft:
1924 zijn dat er zelfs al zeven en ook was er wel echte .. . ik mag niet nalaten, U toe te zeggen, dat U, indien ik U
belangstelling voor het wetenschappelijk werk van beide op een of andere wijze van dienst kan zijn, steeds, zoo U
docenten, maar ongetwijfeld was Van Oversteeg tolk van dit wenscht, op mijn hulp kunt rekenen.
velen, toen hij desgevraagd als man uit de praktijk in een Ondanks het feit dat hij, nu als buitengewoon hoogleraar,
vergadering van directeuren zijn bekrompen, maar stellig de VU van dienst zou blijven, is met dit vertrek de pe-
goed bedoelde oordeel uitsprak: riode-Bouman uit de voorgeschiedenis van de medische
faculteit toch onherroepelijk afgesloten.
De heer van Oversteeg wordt binnengeroepen en ant-
woordt op de vraag, hoeveel studenten bij prof. Bouman
zijn ingeschreven: één, — als zijn meening te kennen ge-
vend, dat de studenten er voor hun practisch werk niets
aan hebben.
I Bedoeld worden de studenten die aan de universiteit van Am-
Al zal zo'n vernietigend oordeel in die botte vorm de sterdam hun examens moesten afleggen en de colleges aan de
trouwe en kundige prof Bouman wel niet bereikt heb- VU vrijwillig volgden, naast hun vele verplichte colleges aan de
ben, hij was toch scherpzinnig genoeg om zo'n vonnis te universiteit van Amsterdam.
164
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1979
Publicaties VU-geschiedenis | 200 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1979
Publicaties VU-geschiedenis | 200 Pagina's