Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 89
Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit
daalde bij toenemende personele lasten werd de bibhotheek om bedrijfs-
economische redenen genoodzaakt te gaan automatiseren. Daarbij kwam
dat van de bibliotheek als bedrijf te veel geëist werd om de gang van zaken
blijvend te kunnen beheersen zonder van automatisering gebruik te ma-
ken. De interne bedrijfsontwikkeling is de doorslaggevende reden tot auto-
matisering. Daaruit moeten ook de conflicten met een extern, nationaal
automatiseringsbeleid verklaard worden.
16. Huisvesting en organisatie
In 1960 verkeerde de huisvesting en organisatie van de bibhotheek in een
overgangssituatie. Reglementair was het bezit ondergebracht in: Ie het
bureau, de leeszaal en het magazijn, 2e de afzonderlijke college- en labo-
ratorium-bibliotheken, 3e de senaatszaal (boeken die de hoogleraren tij-
dens de colleges gebruikten) en 4e de portefeuilles met tijdschriften die bij
de hoogleraren circuleerden. Door de toename van het aantal panden
waarin de universiteit gehuisvest was en van het aantal instituutsbiblio-
theken moest de organisatie herzien worden. Höweler had reeds voor de
vele medische instituutsbibliotheken een centraal bureau gesticht.
Reeds in het eerste stuk na 1960 komt het voorstel voor de bibliotheek in
drie delen bijeen te brengen, nl. een centrale bibliotheek, een medische
bibliotheek en één voor de Faculteit der wiskunde en natuurwetenschap-
pen. De portefeuilles werden na een paar jaar opgeheven evenals de
boeken op de senaatszaal. De hoogleraren moesten hun boeken maar net
zoals de studenten, zelf aanschaffen of als verbruiksgoederen zoals woor-
denboeken bij een secretaresse, via de faculteit betrekken. Zodoende ble-
ven er drie eenheden over omdat in de plannen van 1960 ook drie gebou-
wencomplexen waren ontworpen: een laboratoriumgebouw voor de wis-
kunde en natuurwetenschappen, waarvoor minister Cals in 1961 de eerste
paal heide, een ziekenhuis waarvan het skelet in die jaren boven het
polderland tegen de hemel afstak en een hoofdgebouw waarvoor toen een
programma van eisen werd opgesteld. Toen echter in 1969 bleek dat de
groei van de universiteit zo sterk werd dat het hoofdgebouw slechts tijdelijk
een deel van de sociale wetenschappen kon huisvesten, werd besloten de
centrale bibliotheek te splitsen in een alfa en een gamma bibliotheek.
Intussen was binnen die centrale bibliotheek de wenselijkheid gebleken
om onderscheid te maken tussen de eigenlijke bibliotheek-afdehng en de
bibliotheektechnische diensten.
In plaats van een centraal gelegen U.B. en een krans van instituutsbi-
bliotheken kent de V.U. een bij elk gebouwencomplex behorende biblio-
theek: een alfa, bèta, gamma en medische bibhotheek en bovendien de
afdeling algemeen en de centraal bibliotheektechnische diensten of de
C.B.T.D. In de loop van 1974-1978 is de leiding eerst feitelijk en daarna
ook reglementair overgegaan van de Bibliothecaris op een Directie, be-
staande uit de vijf hoofden van genoemde hoofdafdelingen en de Biblio-
73
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's