Wetenschap en rekenschap - pagina 155
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
DE J U R I D I S C H E FACULTEIT (1880 1980)
ouderlijke onmacht In de Asser-reeks werd het Personen en Famiherecht Deel I,
1978, en een part van Deel II, 1976 bewerkt De rectorale oratie besprak de
verhouding Recht en welzijn Uit dit betoog zou kunnen blijken dat voor de, na zijn
studentenjaren nogal door Rengers Hora Siccama beïnvloede auteur, karakteri-
stiek is de bij zijn proefschrift gevoegde eerste stelling „Meyers ondogmatische
wijze van denken is bij uitstek bruikbaar voor de wetgeving" Ten principale wil hij
toch „ngoreus" van een algemene rechtvaardiging van het recht afzien Wij zou-
den genoeg hebben aan de functie van menselijk welzijn, hetgeen hij staaft met het
woord uit Deuteronomium „opdat het U wel gaat" (5 32) Door deze welzijns-
ontsluitende functie van het recht, die gelijkheid van kansen, bescherming van het
zwakke, onpartijdigheid van de rechter en soepelheid van het strafproces inhoudt,
moeten aanvaardbare maatschappelijke doeleinden worden bevorderd Rechts-
geschiedenis en rechtsvergelijking zouden leren dat alles anders kan Het geldend
recht IS resultaat van een treffen tussen verdedigers van uiteenlopende gerechtig-
heidsideeen In een democratisch bestel is de plaats voor de eigenlijke gerechtig-
heidsidee vacant Inderdaad schuilt in deze gedachtengang voor de wetgever die
het best mogelijke dient te bereiken veel waardevols, maar op de vraag of niet
teveel werd gekapt kan het antwoord moeilijk ontkennend luiden
Eveneens in 1970 viel het optreden van Hellema's opvolger H J W Klein Wassink
(1928-1979) die met een proefschrift over Het fiscale compromis aan de Vrije
Universiteit was gepromoveerd (1964) Zijn inaugurele rede behandelde Fiscale
soiivereiniteit in het geding en hij ondervond m toenemende mate de gevolgen van
een ernstig ongeluk, maar zette, ofschoon het bovenmenselijk inspanning vroeg,
zijn onderwijs voort tot vlak voor zijn hem van veel lijden verlossende dood
Voor de notariële studie moet worden teruggekeerd tot in de Tweede Wereldoor-
log T H A Versteeg (1901-1975) was sedert 1941 na een kort privaat-docentschap
aan de Vrije Universiteit in dezelfde functie opgetreden ter verzorging van de
notariële opleiding Sedert 1931 bezitter van het kandidaat-notans-radicaal be-
haalde hij in 1945 de meestertitel aan de Vrije Universiteit om er in 1946 lector te
worden met een openbare les over De Kerken m het privaatrecht In 1959 werd hij
hoogleraar, eerst buitengewoon want hij maakte gedurende de jaren 1956-1967
deel uit van de Tweede Kamer en vanaf 1967 tot 1971 toen hij om gezondheids-
redenen zijn ambt moest neerleggen gewoon In het Parlement, dat hem om zijn
evenwichtigheid en kennis van zaken bij zijn arbeid ten behoeve van de commis-
sies voor privaat- en strafrecht zowel als voor onderwijs blijkend ten zeerste
waardeerde, en waarin hij het lidmaatschap, vanwege de afwisseling in zijn ge-
lijkmatige levensgang op prijs stelde, heeft hij waarschijnlijk de meeste invloed
geoefend toen hij tot de conclusie kwam dat de herziening van het erfrecht, op
welk gebied hij zeer deskundig was, zou moeten doorgaan, wat tegelijk de generale
voortgang van het werk aan het Burgerlijk Wetboek betekende Naar mijn mening
IS hij, die een ministerschap van onderwijs in 1963 afsloeg, voor de verantwoor-
151
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's