Wetenschap en rekenschap - pagina 511
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
DE PSYCHOLOGIE AAN DE VRIJE UNIVERSITEIT
nkaanse „algemene psychologie" was aan het einde van de zestiger jaren echter
duidelijk cognitief
Men kan het in 1960 verschenen werk van Miller, Galanter en Pribram, dat de
on-behavionstische titel „Plans and the structure of behavior" draagt, als een
eerste duidelijk signaal van de op handen zijnde omslag beschouwen De auteurs
noemen zich in dat boek ^.subjective behavionsts", omdat zij een strikt weten-
schappelijke psychologie als leer van het menselijk gedrag willen rijmen met de
realiteit van een subject, d w z een aan het organisme eigen centrum van autono-
me activiteit, dat een gedragscontrolerende functie bezit Reeds in de jaren dertig
en veertig waren er verwante geluiden gehoord in het „purposive behaviorism"
van Tolman Diens opvattingen waren echter in het behavioristische kamp ver-
dacht omdat ZIJ niet pasten in het dominerende fysicalisme Hij leerde dat de mens
handelt op grond van een bij hem gevormde „cognitieve kaart", van een innerlijke
schematische representatie van de omgeving De idee van een dergelijke cogni-
tieve kaart suggereert evenwel het bestaan van een — dat schema transcenderende
— homunculus, die de kaart afleest en instructies voor het handelen geeft De
aanname van een met voor empirisch onderzoek toegankelijk homunculus-prm-
cipe was (en is) echter wetenschappelijk onaanvaardbaar Dat was ook Tolman's
opvatting, maar hij heeft geen bevredigende verklaring kunnen geven voor het
verband tussen cognitie en actie (Guthrie, 1935, Sanders e a , 1976)
Het boek van Miller c s kan men opvatten als een uitbouw en een rechtvaardiging
achteraf van Tolman's visie, die tot stand kwam door een verband te leggen tussen
diens denkbeelden en de werking van de computer Deze laat namelijk zien hoe
„cognitie" (programma) en actie zonder tussenkomst van een homunculus te
rijmen vallen Bij de uitbouw van de cognitieve psychologie door Miller en met
hem verwante psychologen is dankbaar gebruik gemaakt van na-oorlogse weten-
schappelijke ontwikkelingen buiten de psychologie De voor niet-psychologische
doeleinden ontwikkelde wiskundige theorieën als o a de informatietheorie en de
cybernetica alsmede de denkbeelden van Chomsky op het terrein van de linguï-
stiek (generatieve gramatica) bleken zeer goed bruikbaar in een cognitieve psy-
chologie waarin de mens wordt opgevat als informatieverwerkend systeem
Een konsekwentie van de „cognitive shift" was, dat er een openlijke en gerespec-
teerde „return of the repressed" (Koch, 1964, p 19) optrad Naast het leren — het
onderwerp van het behavionsme — werden ook hoofdstukken die vanwege hun
mentalistische connotaties verdacht geweest waren (perceptie, aandacht, geheu-
gen, emotie, motivatie etc ) opnieuw als volwaardige onderwerpen in de psycho-
logie geaccepteerd omdat zij met langer gemist konden worden toen men de mens
als informatieverwerker ging beschouwen
Kortom, er ontstond een mentalistische gedragspsychologie Men kan zich afvragen
waarom de cognitieve omwenteling die op een gebied plaats vond dat men in de
vijftiger jaren weliswaar nog met de naam „algemene psychologie" aanduidde,
maar dat thans bescheidener „functieleer" genoemd wordt, zo'n grote invloed
gehad heeft op de psychologie in haar totaliteit De verklaring dat ontwikkelingen
505
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's