Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschap en rekenschap - pagina 125

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschap en rekenschap - pagina 125

Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980

3 minuten leestijd

DE J U R I D I S C H E F A C U L T E I T (1880-1980)

mochten op de prijs van de eerste maal zakken niet worden gemist. Zij, die hij een

avond ontving, moesten tegen half elf verdwijnen, want hij leidde een leven van

grote regelmaat.

Bepaalde mensen hebben hun gebreken aan de buitenkant. Diepenhorst was een

tikje ijdel, meed gevaar, kon indien hij het wilde uiterst bits zijn; ging liever niet

om met hen die hem niet lagen; hij had naast zijn sym- tevens zijn antipathieën.

Als hij vond dat het moest dan was hij uiterst standvastig: zelfs Kuyper volgde hij

niet door alles heen. Hij dacht er in 1926 niet over predikanten, van wier geloof en

belijdenistrouw hij overtuigd was, in de steek te laten. Toen curatoren omstreeks

1930 opening der colleges met gebed hadden voorgeschreven deed hij dit voor de

eerste keer met de merkwaardige woorden: „Krachtens besluit van curatoren ga ik

U voor in gebed". Hij was religieus en gevoelig en bij de huiselijke godsdienstoe-

fening indrukwekkend. De universiteit, die hij zoveel jaren diende, was hem

werkelijk lief. Geen hoogleraar heeft met zulk een eerbied in het publiek promo-

tieplechtigheden besloten met de oude, de naam van de drieënige God vermel-

dende formule.

3. NA DE EERSTE WERELDOORLOG

Het iets vertraagde afscheid van Fabius vroeg uiteraard voorziening. W. Zeven-

bergen (1884-1925) was na zijn rechtenstudie aan de Vrije Universiteit in 1913

gepromoveerd op de dissertatie Eenige beschouwingen op het strafrechtelijke

schuldbegrip. Hij aanvaardde zijn ordinariaat voor strafrecht en rechtsfilosofie in

1920 met een rede over Leemten in de wet, het begin van een korte, maar zeer

intensieve academische werkzaamheid. De onderwijslast was niet gering. Hij do-

ceerde romeins recht, encyclopedie, strafrecht en rechtsfilosofie. Met zijn leerlin-

gen, die hij vooral aan het begin van zijn hoogleraarschap op een privatissimum

geregeld thuis ontving, onderhield hij vrij nauw contact. Hij poogde hen op een

eigen wijze duidelijk te maken dat tussen wat men in hun kring werkelijke en

afgeleide beginselen noemde — de in die jaren talrijker wordende heilige huisjes —

verschil bestond en dat vanuit de grondslag een levendige en oorspronkelijke

beoefening van de rechtswetenschap mogelijk was. Zijn ambtgenoten in de facul-

teit gaven hem vrij spel, zelf van zekere verruiming niet afkerig. Maar toen er een

sterke beroering ontstond bij het in ruimer kring bekend worden van zijn denk-

beelden moest hij dan toch zelfde storm — er was bij de opponenten ook wel enige

afgunst in het spel — opvangen, zij het, dat in wat bedekte vorm kort voor zijn door

de hem knauwende aanvallen op zijn zuiverheid verhaaste dood. Diepenhorst ter

jaarvergadering van de vereniging in Zwolle tegen rechtlijnigheid en verstening

waarschuwde.

In hoeverre is Zevenbergen er in geslaagd aan zijn denkbeelden overtuigende

121

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's

Wetenschap en rekenschap - pagina 125

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's