Wetenschap en rekenschap - pagina 428
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
J . G . KNOL
Los van de vraag of men Kuyper in dezen wat euvel kan duiden, zou het interes-
sant zijn om te weten in hoeverre Kuyper zich antithetisch zou hebben opgesteld
ten aanzien van de heersende subjectieve waardeleer. Op één of andere manier
moet hij hier wel iets van hebben geweten, gezien het feit dat hij het handboek van
Pierson vermeldt".
Kuyper zag niet veel in een formele universele leer van het menselijk handelen.
Ook gaat het bij Kuyper om andere doelstellingen dan optimale behoeftenbevre-
diging en maximale winst. Bij hem gaat het om de verwerkelijking van de normen
van de gerechtigheid in de onderlinge verhoudingen tussen mensen, tussen werk-
gevers en werknemers, tussen overheden en onderdanen.
Kuyper's ideaal van economische wetenschap valt niet samen met het ideaal van
de neo-klassieke economische wetenschap, het ideaal van de analyse van het
algemeen evenwicht waarin alle prijzen en hoeveelheden simultaan bepaald wor-
den op een niveau waarin alle subjecten in evenwicht verkeren.
Nu er 100 jaar verlopen zijn, kan men niet meer spreken van een gebrek aan
„mannen van het vak" binnen de kring van christelijke wetenschapsbeoefening.
Maar hoe staat het met de wetenschapsopvatting van de „mannen van het vak"?
Vooruitlopend op wat in later verband nog nader zal worden uitgewerkt, kan nu
reeds worden opgemerkt dat in het algemeen het neo-klassieke paradigma onder
de economisten van christelijke huize toonaangevend is. En zelfs bij de enkeling
die op zoek is naar een waardegebonden economische wetenschap, vindt men de
neerslag van het neo-klassieke denken in overwegende mate terug.
Maar wat heeft Kuyper de economisten vandaag de dag nog te vertellen? Of kan
de moderne economist volharden in een opvatting van waardevrije wetenschap en
toch in de voetsporen van Kuyper gaan? Niet een imitatie van Kuyper, maar het
delen in de overtuiging dat de kern van de christelijke wetenschap ligt in het
dienstbetoon, in de analyse van de werkelijke omvang van de economisch-maat-
schappelijke problemen.
Om de moderne economie recht te doen, zal in het nu volgende hoofdstuk aan de
hand van een bespreking van enkele opvattingen, een globaal beeld van deze
economie worden gegeven. Tegelijkertijd wordt dan de weg vrijgemaakt voor een
beschouwing over het toenemend verzet tegen het neo-klassieke paradigma dat zo
kenmerkend is voor de moderne economie.
NOTEN
1. A. Kuyper, Het Sociale Vraagstuk en de Christelijke Religie; Amsterdam, Wormser,
1891, p. 33.
2. J.A. Schumpeter, History of Economie Analysis: New York, Oxford Univ. Press, 1954,
p.42.
3. M. Dobb, Theories of Value and Distribution since Adam Smith; Cambridge, Cam-
bridge Univ. Press, 1973, p. 5.
4. A. Kuyper, De Soevereiniteit in Eigen Kring; Kampen, J.H. Kok, 1920, 3e dr. p. 13.
422
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's