Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 187
Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit
omvang van de bijbehorende populatie kent, evenmin is het zinvol om een
willekeurige greep te doen uit de grabbelton van psychologische informatie
zonder dat men weet heeft van de dekkingsgraad ervan. Neem de tabel van
dra. Meander er maar weer bij als dit u niet duidelijk is. Als zij op haar
meditatieve dag van zelfstudie bijvoorbeeld haar favoriete onderwerpen
nakeek in Psychological Abstracts, dan deed ze dat in het stille besef dat
deze eenvoudige, routinematige handelingen haar toegang verschafte tot
ruim 26.000 publikaties in ruim 1.000 tijdschriften. En dat niet alleen, maar
geholpen door de inspanningen van het omvangrijke medewerkersteam
van deze secundaire informatiebron en ondersteund door het meer dan
4.000 trefwoorden tellende indexsysteem werd het haar mogelijk gemaakt
om in die gigantische informatie-vijver precies de goudvissen te lokahseren
die ze nodig had. Ze vond dat het schepnet eenvoudig te hanteren en het
vissen alderplezierigst was.
Dieper het doolhof in
Nu de lezer reeds drie paragrafen omgang heeft gehad met haar, kunnen
we openhartiger over de eigenaardigheden van dra. Meander gaan vertel-
len. Allereerst is daar haar voorhefde voor paradoxen. Zo verviel ze in een
zeer langdurige contemplatieve gemoedstoestand bij het lezen van Mer-
lon's observatie dat „the more widely scientists make their intellectual
property freely available to others, the more securely it becomes identified
as their property" (Merton, 1979). Dit bijzondere kenmerk van intellec-
tueel eigendom had ze zelf wel eens onder woorden gebracht in de slogan
,wetenschap is geen privékennis maar openbaar bezit' maar Mertons pa-
radox vond ze veel fraaier. Ze overwoog dat er nochtans een belangrijke
schakel miste in zijn formulering, namelijk het fenomeen van ,erkenning'.
Als ik, zo dacht ze, binnen afzienbare tijd m'n eerste artikel gepubliceerd
krijg, dan erkennen de poortwachters (Buiter Hoogstraten, 1979) oftewel
de redacteuren van het betreffende tijdschrift mijn bijdrage aan de we-
tenschap, ik erken op mijn beurt het werk van voorgangers door er expliciet
naar te verwijzen en als het artikel met instemming wordt aangehaald door
latere publicisten dan ligt daarin de uiteindelijke erkenning. Dit nog
enigszins wazige inzicht werd aanzienlijk verscherpt toen Clara het ging
omzetten in actief speurwerk. Naast de onderwerpen die ze via haar refe-
rentiewerk (zie de vorige paragraaf) toch al bijhield, probeerde ze publi-
katies te vinden over citeer-kenmerken of,aanhalingstekens' zoals ze dit
onderwerp zelf betitelde. Aan het reeds vermelde inzicht had ze namelijk
de redenering vastgebreid, dat als je veel aangehaalde publicisten op je
vakgebied in de gaten houdt je vanzelf te weten komt welke ontwikkelin-
gen zich in die discipline voordoen. Ze was dan ook bijzonder in haar
nopjes toen ze in de Current Comments rubriek van Current Contents-
redacteur Garfield niet alleen de top-honderd meest aangehaalde artikelen
op sociaal-wetenschappelijk gebied tegenkwam (Garfield, 1978a), maar
171
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's