Wetenschap en rekenschap - pagina 361
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
A L G E M E N E TAALWETENSCHAP AAN DE VRIJE UNIVERSITEIT
Tot zover het heden en verleden van de algemene taalwetenschap aan de Vrije
Universiteit. Wat zal de toekomst zijn? Siertsema neemt in 1980 afscheid, en een
opvolger is nog niet benoemd. Het gewenste „profiel" voor deze en het vakstu-
dieprogram is wel geschetst, en tot haar vreugde blijkt „continuïteit" daarin hoog
genoteerd te staan; de vraag is nu maar: wie past daarin?
Voor haarzelf staat daarbij nog één andere wens bovenaan: dat haar opvolger of
-volgster ook goed moge passen in het fijne team dat de huidige stafieden-alge-
mene taalwetenschap, de wisselende student-assistenten incluis, op het ogenblik
met elkaar vormen.
Bennekom, september 1979
* Met dank aan de heren J. Bosscher, H.J.A. Burgers en L. Hoekstra van het Bureau Post-
en Archiefzaken, voor hun hulp bij de totstandkoming van dit stuk
NOTEN
la. Algemene taalwetenschap is de studie van de menselijke taal als verschijnsel. Overal
ter wereld maakt de ene mens met zijn mond geluiden waardoor hij aan een ander
mens duidelijk maakt wat hij denkt en bedoelt. Hoe is dat mogelijk, waarop is het
gebaseerd, welke trekken hebben alle mensentalen gemeen, en hoe moet dat alles
worden beschreven — dat zijn de vragen waarop de Algemene taalwetenschap een
antwoord tracht te vinden. Wie Frans of Engels studeert bestudeert een laai; de
Algemene taalwetenschap bestudeert de taal.
Ib. Jan en Annie Romein, Erflaters van onze Beschaving, IV; Amsterdam, Querido, 1946,
5e dr.. pp. 171-172.
2. De neerslag van deze studies vinden we o.a. in De Gemeene Gratie I, Amster-
dam/Pretoria, Höveker Wormser, 1902, pp. 171-182 en 311-312.
3. Hiermee wordt niets anders bedoeld dan dat er geen natuurlijke (gemotiveerde) band
is tussen de klanken van een woord en de daarmee aangeduide zaken. Er is niets in b.v.
de klanken d, o, en j dat ze speciaal geschikt maakt om in het Nederlands een doos aan
te duiden: dat wij dit doen berust op een historisch gegroeide conventie, en kleine
kinderen die Nederlands leren spreken moeten leren zo'n doos „doos" te noemen en
niet b.v., „poos" of ..does". Andere talen hebben weereen andereconventie en duiden
hetzelfde ding met andere klanken aan: Engels b,d,k,s, Frans b,w,a,t. Conventie is niet
hetzelfde als afspraak zoals Kuyper in deze passage wel doet vóórkomen.
4. Zie noot 2. p. 160.
5. F. de Saussiire, Cours de lingiiistique générale; Parijs, Payot, 1949, pp. 164 en 169 resp.;
vertaling en toevoegingen (tussen haakjes) BS.
6. L. Hjelmslev, Structural Analysis of Language, Studia Linguistica I; 1947 p. 69ff
Vertaling BS.
355
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's