Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschap en rekenschap - pagina 434

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschap en rekenschap - pagina 434

Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980

2 minuten leestijd

J. G. KNOL

10. Idem p. 68.

11. Idem p. 16.

12. Vgl. O. Lange, Political Economy; Vol. 1, (1963), hfdst. 5.

13. Een uitgebreide analyse in P. Hennipman, Economisch Motief en Economisch Prin-

cipe; Amsterdam, Noordhollandse Uitgeversmij, 1948, hfdst. 10.

14. M. Friedman, The Methodology of Positive Economics; in: Essays in positive Econo-

mics, Chicago, Univ. Press Chicago, 1953, p. 6.

15. Idem p. 4.

5. NORMATIEVE VERSUS POSITIEVE WETENSCHAP

1. Inleiding

In dit hoofdstuk zal, via de weergave van enkele standpunten, de tegenstelling

tussen normatieve en positieve wetenschap nader worden uitgewerkt.

Gangbaar is de positivistische opvatting te weten:

— de positieve economie als theoretische economie houdt zich bezig met het

„zijn" en is daarom vrij van waardeoordelen;

— de theoretische economie bestudeert het disponeren over schaarse middelen en

neemt slechts kennis van de relaties tussen economische subjecten enerzijds en

goederen en diensten anderzijds;

— bij deze analyse maakt de wetenschap gebruik van de data, dat zijn grootheden

die het economisch proces bepalen zonder zelf door dit proces bepaald te

worden; met name geldt dit voor het maatschappelijk-historisch kader waarin

de mens leeft en zich beweegt.

Het heeft niet ontbroken aan pogingen om ter zake van de economische weten-

schap een eigen „christelijk" geluid te laten horen. Het is doelmatig om daarbij het

volgende onderscheid te maken:

a. er is een groep die zich vooral richt op het opstellen van normen voor het gedrag

van de economische subjecten en die aan traditionele economische wetenschap

het verwijt doet te weinig oog te hebben voor andere motieven dan het „eco-

nomische";

b. er is een groep die zich op basis van de moderne kentheorie conformeert aan de

gangbare economie in zoverre het de theoretische economie betreft; de nor-

mativiteit van het christendom zou dan tot uiting moeten komen in bijvoor-

beeld de leer van de economische politiek en de theorie van de organisatie-

vormen van het economisch leven.

Wat groep a betreft kan worden verwezen naar onder meer Nederbragt, Diepen-

horst, Van der Kooy, terwijl de opvatting van groep b op voortreffelijke wijze is

428

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's

Wetenschap en rekenschap - pagina 434

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's