Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 225

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 225

Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit

3 minuten leestijd

volgen als een kind. mochl hier spreken, waar 'l de godsdienst gold. want die godsdienst

behoorde ook hem toe" "

Wel mocht dit evangelie een geloof voor de zwakken heten! De wrede heer

had genoeg aan de uiterlijke vormen. Troost en priester behoefde hij

gemeenlijk pas in de stervensure. Voor de grote massa stond het anders

geschapen.

„Wat de godsdienst in die tijden voor 't volk was volgt noodwendig uit den toestand,

waarin 't verkeerde Wij zeggen niet teveel als wij dien toestand erbarmelijk heeten Aan

de willekeur en lusten van hun meerdere prijs, was krenking van 't menschelijk gevoel,

wreede mishandeling en vertrapping der dierste rechten hun dagelijksch lot, en de enkele

braven, die tot eere der menschheid met deelden in dien overmoed, vermogen met het

donkere floers te lichten, dat over de daden der hoogere standen in die tijden ligt gespreid

Geen wonder, dat de godsdienst den ongelukkigen alles was Hier vond overheersching en

dwingelandij een einde, hier behoefde hij voor zijn meester niet onder te doen, waar alle

hoop op eerbiediging van zijn goed recht verdween, was de priester dier godsdienst de

goede engel, die door angst 't hart van den wreedaard kon vermurwen, en bovenal die

godsdienst leerde hem een leven kennen, waar de rijke man zou knersetanden en Lazarus

verzadiging vinden in Abraham's schoot Hoe natuurlijk, dat de mnige liefde waarmee die

godsdienst werd beleden, zich ook meedeelde aan alles, wat daarmee zamenhing, zich

overplantte op tempels en bedehuizen, op crucifix en Mariabeeld, vooral ook den priester

dier godsdienst omvatte" "

Dat de godsdienst aan „den armen lijfeigene" geen opium bood, maar als

het ware een voorgerecht van het gastmaal der eeuwigheid, is voor Kuyper

boven alle twijfel verheven. Minder duidelijk is het wat de middeleeuwse

zwoeger van het opperhoofd der kerk, zetelend in het verre Rome te

verwachten had. Kuyper doet deze poging zich in de mentaliteit van de

kleine man te verplaatsen:

„Inderdaad was de pastor van 't kerspel, of hoogstens de bisschop der dioecese. zijn

eenige priester Van een paus te Rome had men geen duidelijk besef, wat aan gene zijde

der Alpen voorviel kwam hun niet ter core Eerst dan. als de pauselijke werkzaamheid zich

onder hunne oogen of althans m hun land openbaarde, werd hun dat geheimzinnige

Rome wat beter bekend Maar juist dat geheimzinnige karakter, waarin Rome voor hen

lag gehuld, terwijl 't toch altijd op godsdienstig gebied zich bewoog, en als kerkelijke

macht zich aankondigde, boezemde hun onbeperkten eerbied en ontzag voor de bis-

schoppen van Rome in Elk verzet tegen den paus. waar 't zich openbaarde, scheen hun

godsdienst in gevaar te brengen, schokte hun onbestemd gevoel van ontzag voor den

hoogen kerkvorst, en lokte een bittere klacht uit hun gemoed En van den anderen kant

gaven zij blindehngs hun bijval aan alles, wat Rome deed, en waren gestemd, om wat 't

ook doen zou, als wel gedaan te beschouwen "

Een paus als Nicolaas I wist van dergelijke gevoelens in ruime mate partij

te trekken om zijn gezag overal te doen gelden en zijn invloedssfeer gestaag

uit te breiden. Met die hiërarchische tendens is Kuyper niet gelukkig. Hij

besluit deze passage over de alleszins verklaarbare roomsgezindheid van

de lijfeigenen met de woorden:

„En mogen we verwachten, dat waar vnje burgers woonden, reeds in kiem die meer

zuivere en vrije begrippen werden gevonden, die eens zoo heerlijk zouden ontluiken, dan

was toch hun stem nog te zwak, hun aantal nog te gering om reeds merkbaar invloed op

den gang der meening te kunnen uitoefenen" ^*

209

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's

Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 225

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's