Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 383
Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit
gus nog de eerste veertien delen (Genesis tot Koningen) van Matheus
Henry: Letterlijke en prakticale verklaring over den geheelen Bijbel, of het
oude en nieuwe Testament (Delft, I, 1741 - XIV, 1762). Het lijkt erop dat dit
boek, waarvan na 1762 nog vele delen zijn verschenen, door iemand kort
na 1762 meegenomen is uit Nederland via Batavia naar Japan. Doeff
schrijft dat er bijbels en kerkboeken op Deshima aanwezig waren.^^ Mis-
schien is het werk na de opheffing van Deshima pas overgegaan in handen
van de Prefecture van Nagasaki.
Voor de introductie van de westerse geneeskunde is vooral van belang
geweest het boek van Hendrik Ulhoorn: Laurens Heisters heelkundige
onderwijzingen, 2 delen Amsterdam 1741, 2e druk 1755. Deze werden
ingevoerd voor het college van tolken te Nagasaki.^^ De Nagasaki Ranga-
ku is mee door dit werk een voorloper geweest van de Edo Rangaku.^^
Yoshia Kozaeyemon, geboren in 1724 en tolk te Nagasaki van 1737 tot zijn
dood in 1800, bestudeerde geneeskunde en vertaalde Nederlandse boeken
waardoor hij grote invloed op de Edo Rangaku uitoefende. Als Kozak is hij
bij de Nederlanders bekend geweest.
Op de Nagasaki Rangaku of Nederlandkunde te Nagasaki werpt een
brieve in de keizerlijke Universiteitsbibliotheek van Kyoto een interes-
sante lichtstraal. De heer Isaac Titsingh was in de jaren 1780-1784 driemaal
„opperhoofd van de importante handel in Japan". In Kyoto is een codex
met 47 brieven aan Titsingh geschreven nadat hij Raad-Extraordinarius
van Indië te Bengalen was geworden; dat is de hoogste functie bij de
Verenigde Oost-Indische Compagnie in het gebied van India naar de zijde
van Burma en van Bangla Desh.
Op 30 november 1787 schreef de Japanse tolk Jm. R. Kinsabloo uit
Nagasaki aan Titsingh een lange Nederlandse brief waarin het volgende
voorkomt:
„O. mijne goedaardig meester, ilc van de tijd van UwEd's vertrelc af, tot het heden toe
alhier op Desima geen zo hooggeleerde heer of meester hebbende, bevind mij als een
blind zonder leijder, en daarom alle de getwijffelde zaken ongevraagt gelaten, steeds in
onzekerheid zijn blijven. Mijn uyterste best is niet anders dan te leezen en herleezen van
UwEd. geleerde lessen 't welke mij niet weijnig verheugt.
Ik verzoeke uwEd. seer ernstiglijk en vriendelijk dat uEd. met de aanstaande tijdmg mij
een kleine boekje wilt zenden, daar de wat nieuw gevondene zaaken van de hedendaag-
sche schrijvers in gehandeld worden, en 't zelve mij naarstigheid verwekken kan; zal
dezelve ter gedagtenisse van uwEd,, niet alleen mijn levenlang, maar ook in 't allede leden
van mijn nazaat, als een erfgoed tot eer en agting, nagelaten en zolang bij mijnent
behouden worden.
UEds. zeer verpligtende disciper Jm. R. Kinsabloo."
4. Het woordenboek van Doeff
In 1810 maakte Doeff zijn tweede hofreis van Nagasaki naar Jedo. Daar
verkocht hij zijn eigen exemplaar van M.N. Chomel, Algemeen huishou-
delijk-, natuur-, zedekundig- en kunstwoordenboek, vervattende middelen om
367
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's