Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 33
Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit
de katheders weer bezet, dan is er geen de minste kans, dat ze lange jaren geholpen wordt.
Werpen deze twee lege katheders een bate af" van ƒ 9 000,— zou het dan teveel gevraagd
zijn, zoo U deze kolossale som een zesde gedeelte, zegge ƒ 1 500,— voor de bibliotheek
wierd afgezonderd** De Senaat kan dan door H H Directeuren gemachtigd worden om
deze som over de drie faculteiten te verdelen"
Het effect van deze brief is echter niet groot geweest. De uitgaven stegen
van ƒ 160,55 in 1888 tot ƒ437,55 in 1889 om daarna weer te dalen tot
beneden de ƒ 300,—. Het percentage voor de uitgaven van de bibliotheek
ten opzichte van de totale universitaire uitgaven kwam in 1889 op 1% om
daarna weer af te nemen tot een half procent,
In 1890 werden in de vacante leerstoelen benoemd curator dr.mr. W. van
den Bergh en dr. G.H.J.W.J. Geesink. Maar de eerste overleed 30 april
1890 nog voor zijn ambtsaanvaarding. Hij liet als eerste hoogleraar zijn
bibliotheek na aan de Vrije Universiteit. Daarom moesten er in 1890 vier
boekenkasten van twee meter breed bijgemaakt worden. Ook door dit
legaat bleef het accent van de bibliotheek theologisch. Tot het legaat
behoorden vooral veel stichtelijke werken.
Het gevolg van deze eenzijdige samenstelling en groei was een aparte
vermelding in het jaarverslag van 1894 en opnieuw in 1895 van het vol-
gende:
„Met het oog op de omstandigheid, dat het onze Stichting met te doen moet zijn om een
volledige boekerij te bezitten, blijkt de keuze der boeken een zaak van het hoogste gewicht
WIJ wenschen zulke werken te bezitten, die in andere bibliotheken weinig of niet gevon-
den worden en voor de studie onzer beginselen bevorderlijk zijn Daarom onthoude men
zich ons stichtelijke of andere boeken te zenden, waarvoor wij met den beste wil geen
plaats zouden kunnen, noch mogen inruimen, maar zende men liever het geld. of raad-
plege men in elk geval een onzer hoogleeraren, alvorens ons geschenken in boeken te
doen" --
Misschien was een dergelijk bericht niet verschenen indien in de zomer van
1894 niet zowel Kuyper alsook De Hartog ernstig ziek waren geworden.
Daardoor stagneerde allerlei. Op 5 februari 1895 overleed prof. A.H. de
Hartog.2-^ Door de ziekte van De Hartog en de verschillende geschenken
was de bibliotheek in 1895 niet geheel op orde, toen een opvolger gevonden
moest worden.
Deze opvolger zou dr. J.C. Breen worden. Maar voordat hij benoemd
werd, vroeg men hem om een onderzoek naar de bibliotheek in te stellen.
Zijn rapport, gedateerd 2 mei 1895, luidde:
„Wel Edel Geboren Heeren,
Eenigen tijd geleden werd door U tot mij de vraaggericht, of ik mij wilde belasten met het
in orde brengen van de Bibliotheek der Vrije Universiteit. Ik heb voorlopig deze opdracht
aanvaard en eens nagegaan wat er te doen is
Op het oogenblik is de Bibliotheek aldus samengesteld
1 de boeken in de Kamer van den Regent, waarvan een reaal-catalogus bestaat, met
alphabetischen index ( ± 1200 nrs),
2 de boeken door dr v d Bergh gelegateerd, waarvan enkel een hjst bestaat ( ± 1800
nrs.),
17
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's