Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschap en rekenschap - pagina 265

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschap en rekenschap - pagina 265

Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980

2 minuten leestijd

BIOLOGIE

bij de natuurkundige, dan bij de medische faculteit ligt. Een kundig botanicus,

zoöloog, of antropoloog is, zullen we in de worsteling der geesten niet achteraan

komen, voor onze Universiteit een volstrekte behoefte"."

1. In de paragrafen 1 en 2 verwijzen de aan het einde der citaten vermelde getallen naar de

bladzijden van deze rede.

2. KUYPER'S EVOLUTIE-REDE (1899)

De rede begint aldus: „Onze negentiende eeuw sterft weg onder de hypnose van

het Evolutie-dogma". Dit is lange tijd een gevleugeld woord geweest en het heeft

in brede kring ten onrechte de mening doen postvatten dat Kuyper een principieel

tegenstander van de biologische evolutie-gedachte was. Bij een nauwkeurige

analyse van het betoog blijkt echter dat Kuyper over het evolutie-vraagstuk een

veel genuanceerder mening had. Er zijn duidelijk drie hoofdgedachten in te

onderscheiden, nl. 1. de filosofie die de evolutie tot enige verklaring van deze

werkelijkheid verheft is radicaal in strijd met het christelijk geloof; 2. de feitelijke

basis voor de biologische evolutie-theorie is onvoldoende; 3. evolutie en schepping

zijn niet principieel onverenigbaar.

2.1. Het evolutie-dogma

Kuyper richt zich in zijn rede niet primair tegen de biologische evolutie-theorie

maar tegen de „in het laatste vierde dezer eeuw" in brede kring gehuldigde

„pretentie" van „het Evolutie-dogma" „van door zijn monistische mechaniek heel

de kosmos, en alle levensproces in die kosmos, tot in zijn eerste oorsprong te

verklaren. Het beginsel door de aanhangers der Evolutie beleden is absoluut"J-^

De „tegenstanders" van ,,het overgeleverde Christendom" hadden aanvankelijk

geen bevredigende totaal-visie op de werkelijkheid, „maar dank zij het Evolu-

tie-dogma zijn ook zij thans in het bezit gekomen van een alomvattend stelsel, van

een uit één beginsel afgeleide wereld- en levensbeschouwing. Ook zij hebben thans

op hun beurt een gronddogma, en hangen aan dat dogma met een door niets te

schokken geloof'.*

Kuyper meent dat dit nieuwe geloof afschuwelijke gevolgen in de maatschappij

zal hebben: „Met het opkomen van een nieuw geloof pleegde tot dusver zekere

verheffing, zekere veredeling van ons menselijk leven hand in hand te gaan. Zo

was het toen het Christendom opkwam, zo was het ook in de dagen der Refor-

matie. Ditmaal daarentegen wordt het,nieuwe geloof op de hielen gevolgd door

de schim der Decadentie".*' Om dit te verduidelijken geeft hij een korte schets van

261

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's

Wetenschap en rekenschap - pagina 265

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's