Wetenschap en rekenschap - pagina 73
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
H O N D E R D JAAR T H E O L O G I E AAN DE VRIJE UNIVERSITEIT
die door gereformeerde theologen in hun benadering van exegetische problemen
heel dikwijls is gehanteerd Wanneer de feiten met kloppen met het gekozen
uitgangspunt, dan past de betuiging van een ,non-liquet" (het is niet duidelijk)
Van mijn kant ontken ik met, dat dit ,non-liquet" soms legitiem is Bij bepaalde
problemen, waarbij men het gevoel heeft nog met alle facetten te kunnen overzien,
kan terughouding plicht zijn Intussen men mag niet bij dit „non-liquet" blijven
staan Men dient op zijn minst de vraag toe te laten, of de feiten soms dwingen tot
nieuwe bezinning op het gekozen uitgangspunt en de consequenties die daaruit
zijn afgeleid Laat men die vraag met toe, dan kan het adagium „non-liquet" gaan
dienen als een middel om de problemen in de ijskast te zetten
Ik attendeer opzettelijk op deze dingen, omdat Van Gelderen behoort tot een
groep exegeten, die allen uit de school van Kuyper en Bavinck kwamen en de
Bijbel als het Woord Gods in hun werk tot gelding wilden brengen Van Gelderen
was de eerste onder hen, die een academische post verkreeg en daarom citeer ik
hem op dit punt als representant van een bepaalde school
De invloed van Kuyper's encyclopedische inzichten blijkt duidelijk uit de rede
van 1905, waarin Van Gelderen de relatie van de Israëlitische oudheidkunde en de
archaeologia sacra zoekt te bepalen De Israëlitische oudheidkunde heeft als object
de levensverhoudingen in het antieke Israel — zij put ook uit de Schrift, maar deze
IS voor haar een bron naast andere De archaeologia sacra heeft als object de
levensverhoudingen, onder welke de bijzondere openbaring is geschied — de
Schrift IS voor haar de Bron, al onderzoekt ze ook andere bronnen Dit onder-
scheid doet nogal theoretisch aan, want in de praktijk hebben beide wetenschap-
pen uiteraard voortdurend met elkaar te maken en grijpen ze op elkaar in Het is
het encyclopedisch principe, dat enerzijds tot het maken van dit onderscheid
verplicht, maar anderzijds ook ruimte laat voor de wederzijdse afhankelijkheid
Geheel in Kuyper's lijn zegt Van Gelderen, dat de wetenschap te doen heeft met
een algemene en met een bijzondere openbaring, dat er in haar een principium
generale en een principium speciale werkt Het prmcipium generale in de weten-
schap eist een Israëlitische oudheidkunde en het principium speciale een ar-
chaeologia sacra Het onderscheid en het verband van beide vakken wordt aldus
gebaseerd op de relatie van de beide pnncipia in de wetenschap, die zelf weer
correlata zijn van de algemene en bijzondere openbanng'^^
Inzoverre nu de bijzondere openbaring de prioriteit heeft ten opzichte van de
algemene, heeft de Schrift een „hogere rang" dan andere bronnen voor de ar-
cheologie en het litteraire vak van de Israëlitische oudheidkunde moet deze ho-
noreren Concreet betekent dit waar niet een schijnbaar maar een werkelijk
conflict wordt geconstateerd tussen andere bronnen en haar, daar mag zij niet voor
de andere bronnen, maar moeten de andere bronnen voor haar wijken Deze
richtlijn betreft de zojuist genoemde kwestie van de historiciteit wat door de
Heilige Schrift als historisch wordt aangeboden, moet door de archeologie als
historisch worden aanvaard ^^
69
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's