Wetenschap en rekenschap - pagina 432
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
J . G . KNOL
constant and what are the effects of changes in either the ends or the means
between which they mediate and how such changes may be expected to take place
through time'"".
Robbins neemt principieel afstand van de ricardiaanse opvatting dat het in de
economische wetenschap gaat om de bestudering van de wetten van de verdeling
van het nationaal product; hij propageert de opvatting van de economie als „the
Science which studies human behaviour as a relationship between ends and scarce
means which have alternative uses"".
Het traditionele beeld kan men als volgt schetsen:
— het gaat in de economische wetenschap om de relaties tussen mensen en
goederen; zelfs als het om een verhouding tussen mensen lijkt te gaan zoals het
geval is bij werkgever en werknemer, is er toch sprake van een relatie tussen
mens en goed, en wel in dit geval tussen vrager en aanbieder van arbeidskracht;
— de economische wetenschap heeft niet meer de pretentie om wetmatigheden
inzake de economische ontwikkelingen in de samenleving als geheel te onder-
zoeken en te formuleren; de wetenschap houdt zich voortaan bezig met het
menselijk gedrag en de relaties tussen veranderingen in dit gedrag en het niveau
van de prijzen en de hoeveelheden van goederen en diensten;
— bij deze praxiologische opvatting abstraheert de economische wetenschap van
de historische context waarin de mensen zich bevinden en postuleert men een
universele gedragscode namelijk nutsmaximalisatie en streven naar maximale
winst'^.
Deze beperking tot een studie van het menselijk gedrag heeft geleid tot een fraaie
modelsmatige analyse van allerlei verschijnselen en bewegingen.
De ontwikkeling tot een „logic of choice" heeft een formalisme gerechtvaardigd
waardoor onder meer een verregaande mathematisering mogelijk is geworden'-'.
Maar tegelijkertijd is er het gevaar dat de „man in de straat" zich niet meer herkent
in de analyse en dat daarmede de wetenschap als vrijwel onvoldoende wordt
beschouwd om belangrijke maatschappelijke vraagstukken te kunnen oplossen.
4. Milton Friedman
Friedman heeft in het debat tussen een positieve en een normatieve benadering
een grote rol gespeeld en zijn verdediging van de positieve economie wordt in de
denkgemeenschap van economisten nog steeds vrij algemeen aanvaard.
Volgens Friedman is de positieve economie in principe onafhankelijk van per-
soonlijk waardeoordeel. Het behoort tot de enige taak van de positieve economie
„to provide a system of generalisations that can be used to make correct predic-
tions about the consequence of any change in circumstances"'''.
De waarheidsvraag heeft alleen maar iets te maken met het vermogen om te
voorspellen. Een theorie is niet zomaar waar wanneer men het erover eens is dat de
426
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's