Wetenschap en rekenschap - pagina 210
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
H L LANGEVOORT
de verschillende vormen van immuunrespons een rol spelen.
Het aantrekkelijke van dit onderzoeksthema, dat eigenlijk een combinatie is van
histologie en immunologie, ligt vooral hierin dat allerlei celbiologische fenomenen
als deling, differentiatie, beweging, fagocytose, contacten tussen cellen, eiwitsyn-
these, in het proces van de afweer aan de orde komen en bestudeerd kunnen
worden. In de afgelopen jaren zijn artikelen gepubliceerd ondermeer over de
volgende onderwerpen:
— Het mechanisme waardoor in de milt immuuncomplexen door cellen worden
gevangen en vastgehouden. Ten behoeve van dit onderzoek zijn nieuwe technie-
ken ontwikkeld, die het mogelijk maken verschillende antigenen gelijktijdig in een
histologisch preparaat aan te tonen.
— Een methode om het enzym peroxidase (uit de mierikswortel) te gebruiken voor
het merken van eiwitmoleculen (b.v. antigeen of antilichaam), zodat zij micro-
scopisch goed zichtbaar zijn en hun localisatie in weefsels en cellen kan worden
bestudeerd.
— De ontwikkeling van lymfeklieren en milt bij normale dieren en bij dieren die
een immuunreactie vertonen.
— Electronenmicroscopisch onderzoek van cellen die bij de immuunreactie zijn
betrokken.
— Een indeling van fagocyterende cellen, die gebaseerd is op hun gemeenschap-
pelijke oorsprong in het beenmerg en op hun gemeenschappelijke functie.
— Ontstaan en functionele mogelijkheden van cellen die in de thymus worden
gevormd.
— Biochemisch onderzoek van afwijkende antistoffen.
Farmacologie
Het wetenschappelijk onderzoek richt zich vooral op de regulatie van neuro-en-
docriene processen, met name de regulerende invloed van de hersenen op de
afgifte van hormonen uit de hypofyse. Naast dit meer endocrinologisch onderzoek
kwam door de aandacht voor regulerende factoren in de hersenstam, steeds meer
belangstelling voor neurofarmacologisch onderzoek. Er vormde zich een werk-
groep die interacties tussen verschillende zenuwvezelsystemen, bestudeerde. De
meeste aandacht werd gegeven aan farmaca die inwerken op vegetatieve regula-
ties en op het gedrag (psychofarmaca). Van hieruit ontstond interesse voor de
bestudering van het dierlijk gedrag als model, thans aangeduid als ethofarmaco-
logie.
Deze geleding in neuro-endocrinologie, neurofarmacologie en ethofarmacologie
betekent evenwel geen scheiding in drie groepen: er is één centraal thema. Dit is
het onderzoek naar de regulatieprocessen die, geïntegreerd, de vegetatieve func-
ties, de hormonale processen en het gedrag beheersen.
De keuze van dit gebied is, naar het oordeel van de vakgroep gerechtvaardigd
vanwege de grote actualiteit en de impliciete betekenis voor de geneeskunde. Men
kan hierbij denken aan belangrijke geneesmiddelen die uit onderzoek op dit
206
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's