Wetenschap en rekenschap - pagina 354
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
B SIERTSEMA
geenszins een soort encyclopaedie van de taalwetenschap ook geen wijsgerige taalkunde,
doch veeleer een algemene linguistiek. De Senaat heeft (dan) geen bezwaar tegen de
voorgestelde benoeming".'*'
Per 1 september 1960 aanvaardde de nieuwe hoogleraar dan haar ambt aan de
Vrije Universiteit, met een rede over Taalverwerving en Taalontleding.'^ Het on-
derdeel Fonetiek van het Engels uit haar opdracht ruilde zij echter in 1962 in voor
een buitengewoon hoogleraarschap in West-Afrikaanse talen aan de Leidse Uni-
versiteit.
Enkele jaren daarna brak de orkaan van herstructurering en democratisering los
over onze Universiteiten; alles moest tegelijk veranderd: Academisch Statuut,
studieprogramma's, bestuursvormen van hoog tot laag, faculteits- en subfacul-
teitsreglementen en wat niet al. Er kwam geen einde aan het vergaderen en het
doorwerken van dikke gestencilde rapporten en discussiestukken ter voorberei-
ding daarvan. In diezelfde tijd viel de overheveling van de afdeling Toegepaste
taalwetenschap plus talenpracticum (hoofd G.D. Jonker), die onder supervisie van
de sectie Frans op instigatie van L. Geschiere waren gestart, naar de meer centrale
sectie van de algemene taalwetenschap om tezamen daarmee één subfaculteit te
vormen. Ook hiervoor was een nieuw reglement nodig, en dat was geen kleinig-
heid, onder andere wegens de gecompliceerde samenstelling van de staf, die deels
bestond uit „eigen" leden van de afdeling Toegepaste taalwetenschap, deels uit
medewerkers der verschillende secties moderne talen, die echter voor een deel van
hun tijd ook weer tot die secties behoorden . . . ! Andere sectiehoofden klaagden al
steen en been, maar om in die dagen de verantwoordelijkheid voor twee secties
plus de herorganisatie van een derde te dragen moest men welhaast bovenmen-
selijk uithoudingsvermogen hebben. Dat had Siertsema niet; amechtig legde zij in
1966 met verdriet in het hart het Leidse bijltje erbij neer om zich verder aan de
Vrije Universiteit alleen aan de afdeling algemene taalwetenschap inclusief die der
toegepaste taalwetenschap te wijden.
WETENSCHAPPELIJK MEDEWERKERS EN HUN ONDERWUS
Niet zo heel lang was zij meer zelf alleen echter; in 1967 werd de staf algemene
taalwetenschap verdubbeld door de komst van de eerste wetenschappelijk mede-
werker J.J. Spa, die het onderdeel „Veldlinguistiek" overnam — hierover straks iets
meer. De heer Spa had Frans als basisstudie, en vanuit de Franse sectie kwam, bij
vertrek van Spa naar de universiteit van Kisangani in Zaire in 1970,"^ ook zijn
opvolger P. Th. van Reenen en, eerder al, eveneens de wetenschappelijk assistent,
later tweede medewerker, D.J. van Alkemade.
Sinds de verhuizing naar het nieuwe gebouw aan de De Boelelaan zijn daar nog
bijgekomen G.J. Hartman voor psycholinguïstiek en A. Hurkmans voor taalfilo-
348
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's