Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Gesprekken over honderd jaar Vrije Universiteit - pagina 154

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gesprekken over honderd jaar Vrije Universiteit - pagina 154

2 minuten leestijd

op verre, verre afstand. Hij was bij zijn literair-historisch

onderzoek sterk „geistesgeschichtlich" gericht, en wat hij

deed was indrukwekkend, maar het was wel een man wiens

streng gereformeerde opvattingen en moeilijke, ik denk

ook vaak gekwetste, persoonlijkheid hem angstvallig

hadden gemaakt. Altijd inde verdediging als het geestver-

wanten betrof, en in de aanval tegen alle anderen. Mis-

schien heb ik daarom wel de beste herinneringen aan zijn

colleges in de geschiedenis van de literaire theorie, omdat

daarbij orthodoxie in theologische zin een minder grote rol

speelde.

De inhoud van zijn colleges was altijd de moeite waard. Ze

waren oorspronkelijk en berustten op eigen onderzoek.

Didactisch waren ze zeer slecht: met gebogen hoofd las hij

vijftig minuten voor uit zijn collegedictaat, en hij keek

alleen maar even op, als hij zich buitengewoon scherp over

een vakgenoot uitliet, bijvoorbeeld over Van Eycks bewe-

ringen inzake het Wilhelmus.

Zijn docentschap leverde een survival of thefittest op, en ik

vermoed dat er ten onrechte studenten bezweken zijn in die

tijd dat hij Kuiper nog niet naast zich had. Kuiper die

ontzaglijk aardig en behulpzaam was.

Wel, de tweede was dus Gerrit Kuiper, wellicht na Anton

van Duinkerken de meest begaafde hoogleraar in de

Nederlandse letterkunde van zijn,,generatie", de generatie

van hen die omstreeks 1946 optraden. Maar het is er bij

Kuiper nooit goed uitgekomen. Eerst al niet omdat hij niet

zijn eigen vak letterkunde kon gaan geven, maar zich in de

taalkunde moest inwerken, en bij verandering van leerop-

dracht opnieuw kon beginnen. In de tweede plaats had hij

een te gering organisatievermogen zowel bij zijn werk aan

de universiteit als in zijn wetenschappelijk onderzoek. Hij

is onder deze omstandigheden bezweken, langzaam maar

zeker. Hij was bijvoorbeeld al niet meer bij machte om als

promotor enige steun te bieden toen ik aan mijn dissertatie

werkte. Hoe uitzonderlijk begaafd hij overigens was en hoe

musisch, merkte je alleen op in een persoonlijk gesprek.

Van Goslinga heb ik heel goed middelnederlands geleerd.

Hoe hij dat zijn studenten bijbracht is me nooit duidelijk

geworden. Zijn eigenlijke historische colleges waren voor

mij meer een verplicht nummer dan een vreugde.

Smitskamps colleges daarentegen waren fraaie composi-

ties over aangename onderwerpen. Maar daar wil ik aan

toevoegen: ik bleef voor wat de geschiedenis betreft een

bijvakstudent, en zwijg dus verder. Mag dat ook gelden

150

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 332 Pagina's

Gesprekken over honderd jaar Vrije Universiteit - pagina 154

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 332 Pagina's