Wetenschap en rekenschap - pagina 283
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
BIOLOGIE
chemische energie, bezitten een speciaal, circulair gestructureerd DNA-molecuul:
het chloroplast-DNA. De functie hiervan is tot op heden vrijwel onbekend. In het
onderzoek wordt nagegaan welke de aard en de functie van de chloro-
plast-DNA-genproducten zijn, welke de genetische organisatie van dit type mo-
lecuul is en op welke wijze de genetische expressie van het chloroplast-DNA wordt
gereguleerd.
3.3.1.3. Werkgroep Plantenfysiologie
Bij het tot stand komen van onderzoek in de plantenfysiologie onder leiding van L.
Algera in 1950 werd, in aansluiting op bepaalde tendenties in de plantenfysiologie
en de fytopathologie, gekozen voor het onderzoek naar de relatie parasiet-voed-
sterplant, en wel vooral naar de gevolgen die parasitisme door schimmels heeft
voor het fysiologische gebeuren in de aangetaste plantenweefsels. Het onderzoek
werd gericht op de gevolgen van schimmelinfecties voor de koolhydraatstofwis-
seling en de energiehuishouding van de aangetaste weefsels. Gekozen werd voor
schimmels en hun werking op aardappelknollen, omdat dit laatste materiaal niet
slechts goedkoop is en het gehele jaar verkrijgbaar, maar ook omdat aardappel-
weefsel verhoudingsgewijs homogeen van samenstelling en anatomische bouw is.
In eerste instantie werd aandacht besteed aan de vraag op welke wijze onderscheid
kon worden gemaakt tussen de processen die de schimmelcellen zelf betreffen en
degene die in de voedsterplant plaats hebben. Daarbij bleek dat niet alleen infectie
met schimmels, doch ook verwonding van plantweefsel grote effecten heeft op de
ademhalingsintensiteit van aardappelknollen. Dit voerde tot een verdergaand
onderzoek van de energie-stofwisseling, in samenhang met de opbouw en afbraak
van zetmeel. In de betreffende periode (de jaren vijftig) kwam biochemisch on-
derzoek snel tot ontwikkeling en dit had tot gevolg dat ook het plantenfysiologisch
onderzoek daardoor sterk beïnvloed werd (Verleur). In diezelfde periode kwam
het oecofysiologisch onderzoek aan planten op gang (zie onder Oecologie), en
daarom werd besloten tot een nadere verdieping in chemisch-fysiologisch onder-
zoek. Stimulerend werkte het contact met buitenlandse onderzoekers (reis van
Verleur naar Japan), waarbij vooral verbetering van de methoden van isolatie van
celorganen (in casu mitochondria) werd nagestreefd. Als gevolg daarvan was het
mogelijk het onderzoek naar de invloed van schimmels en van verwonding op het
energie-metabolisme in plantencellen nader uit te werken.
Geleidelijk werd het accent daarbij verlegd van het onderzoek naar effecten van
schimmels naar die van verwonding van plantencellen (Gerbrandy). Bij verwon-
ding treden niet slechts reacties in fysiologische zin in de waard-plant op, doch
vindt men tevens een reactie van verzet: wondweefsel wordt gevormd. Dit soort
van reacties voerde tot meer basale vragen ten aanzien van de relatie van ener-
giehuishouding en energiestofwisseling met het verwondingsproces (V.d. Plas).
Het vermogen van cellen om, na verwonding, opnieuw te gaan delen (redifferen-
tiatie) kwam daarbij onder de aandacht (Brinkman).
279
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's