Wetenschap en rekenschap - pagina 61
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
H O N D E R D JAAR T H E O L O G I E AAN DE VRIJE UNIVERSITEIT
op gebod en regel op regel, en dit stond bij de vaderen vast nooit weer een
boekdeel met reglementen, gelijk het Corpus luris canonici in de Roomsche Kerk
allengs geworden was Voor den welstand der kerk is oneindig veel beter, dat bij
algemeene regeling slechts weinig bepaald en omschreven wordt, en dat al het
andere aan de Classen en aan de enkele kerken wordt overgelaten, om dan naar
gewoonte of naar tijdelijke schikking of naar plaatselijke behoefte geregeld te
worden Als dit goed zal geschieden, is natuurlijk nodig, dat allen, die tot kerkre
geenng geroepen zijn, van die zaak eenige studie maken, dat zij de beginselen, die
in de Kerkenordening uitgesproken zijn, zooveel mogelijk verstaan en als het ware
in zich opnemen, om dan bij de verdere toepassing dienovereenkomstig te han
delen Maar juist daardoor worden die beginselen als het ware eigendom van
iedere Kerk in het bijzonder, zoo vast verworteld, dat geen storm ze kan uitroeien
Gods W oord blijft dan op de plaats, die in iedere Kerk daaraan toekomt, Christus
blijft dan erkend als de Koning der Kerk, menscheninzettingen kunnen daar dan
niet tot heerschappij komen, en de Kerk kan dan blijven bij de vrijheid en
zelfstandigheid, die haar in de wereld toekomen'""
Wanneer Rutgers over de vroege geschiedenis van de Gereformeerde Kerken in
Nederland schreef, kon hij zich baseren op materiaal, dat hij zelf met bijzondere
toewijding had geordend en uitgegeven Ik doel met name op de door hem
bezorgde editie van de Acta van de nationale synodes in de 16e eeuw Dank zij
Rutgers' grote nauwkeurigheid is deze bronnenpublicatie een werk van blijvende
waarde, dat nauwelijks overtroffen kan worden "* Interessant is dat de canonicus
Rutgers reeds heel vroeg de degens kruiste met Rudolf Sohm, die het wezen van
het recht strijdig achtte met het wezen van de kerk Ook na het vele, dat tot op
vandaag toe over de denkbeelden van Sohm gepubliceerd is, blijft het contrabe
toog van Rutgers de overweging waard"' In zijn kerkrechtelijke uiteenzettingen
beroept Rutgers zich graag op Voetius. wiens vierdelige „Politica Ecclesiastica" hij
grondig kende En achter Voetius rijst bij hem steeds weer op de figuur van
Calvijn, voor wie hij groot respect koesterde Calvijn is het geweest, aldus Rutgers,
die voor de bouw en inrichting van de gereformeerde kerken de grondlijnen weer
zo duidelijk in het licht heeft gesteld Het kerkrecht hebben de gereformeerde
kerken z i inzonderheid van Calvijn geleerd ^^ Rutgers was een uitnemend kenner
van het leven van Calvijn Zijn oratie over de invloed van Calvijn op de reformatie
in de Nederlanden levert daarvan een treffend bewijs ''
Opmerkelijk is, dat Rutgers zich in laatstgenoemde oratie betitelt als „oudleer
lmg"van Fruin. hij was leerling van het leids gymnasium, toen Robert Fruin
daaraan als leraar geschiedenis verbonden was ^^ Wat Rutgers met Fruin gemeen
heeft IS de strenge historische methode en de liefde tot het historische detail, dat bij
beiden functioneert als een venster, dat uitzicht biedt op het geheel ^' Rutgers heeft
geen kerkhistorisch werk van grotere omvang gepubliceerd noch een samenvat
tend werk over het kerkrecht Een groot aantal van zijn kerkrechtelijke adviezen
werd na zijn dood uitgegeven alsook een gedeelte van zijn commentaar op de
Dordtse kerkordening ^^
57
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's