Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 253
Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit
verdere kloosterbevolking blijkt uit een overzicht van 1526 Er waren toen
„17 conventualen, 1 novicius, alnoch niet gecleet, 1 donaet, 5 leecke weer-
licke gehuerde dieneers ende 1 prebendarius, aldair gestelt bij onsen heere
den Keysere" ^^ Een donaat schonk zijn bezittingen aan een klooster ten-
einde daar tot zijn dood te mogen inwonen, maar hij legde geen klooster-
gelofte af De van een prebende levende geestelijke zal een al of niet
betalende gast geweest zijn Omdat het aantal van 17 conventualen voor
een Wilhelmietenklooster nogal groot was, zijn de lekebroeders misschien
daarbij inbegrepen Ter vergelijking geven we de getallen voor 1539 Vol-
gens de kledinglabel in de jaarrekening waren er toen in Baseldonk 14
geestelijken en 4 leken De lekebroeders legden wel een gelofte af, maar ze
werden met tot priester gewijd Ze verrichtten gewoonlijk bepaalde werk-
zaamheden in het klooster, b v als kok of als bierbrouwer Ze konden
geholpen worden door betaald personeel dat met tot de eigenlijke kloos-
terbevolking behoorde In hetzelfde jaar 1539 worden er lonen uitbetaald
aan Gerardus van Orthen (waarschijnlijk huisknecht, IVi gl), Mattheus
(wagenvoerder, 5 gl), Franciscus van Balen (hulp van de kok, 5 gl) en
Ruthgerus van Schijnle (bediende van de prior, 3 gl) ^^ Deze namen
komen niet in de kledingtabellen voor Het aantal kloosterlingen nam
overigens wel geleidelijk af Tijdens de gedwongen verhuizing in 1542
waren er 12 monniken, 3 leken en enkele huisgenoten ^-^ Voor 1627 vindt
men een getal van 10 geestelijken (sacerdotes) vermeld ^''
Er bestaat geen afdoende beschrijving van de gebouwen van het kloos-
ter, maar de naar aanleiding van de verplaatsing gemaakte aantekeningen
kunnen ons toch iets op weg helpen Bij de afbraak van het oude klooster in
1542 IS sprake van een klooster met een kerk, omgeven door eiken ^^ Er was
een aparte ruimte voor de bibliotheek ^^ De nieuwe behuizing in de stad
bestond volgens de koopakte van 20 december 1543 uit een huis, een open
plaats, een voorpoort, een stal met een plein, een tuin en een achterpoort
In 1545 werden er nog twee huizen bijgekocht In het nieuwe onderkomen
werden eerst de cellen voor de monniken gemaakt Daarna richtte de
timmerman Philippus de brouwerij in, en er kwam een eetvertrek voor het
personeel Aan de overzijde van de Dieze, die achter langs de gebouwen
stroomde, kwam een huis voor de lekebroeders In 1547 begon men met de
bouw van een kapel, die in 1549 kon worden gewijd ^'' Al met al was dit
toch beslist geen bescheiden gebouwencomplex
De bijzonderheden over de kloostergebouwen vertellen ons al iets over
de economische positie van de Wilhelmieten in Den Bosch Andere gege-
vens hierover vinden we in de jaarrekeningen Hieruit blijkt dat de Base-
laars inkomsten genoten uit onroerend goed in Schijndel, Tilburg en elders
in Noord-Brabant Verder konden er jaarlijks diverse agrarische produk-
ten verkocht worden, zoals tarwe, gerst, haver, raapzaad, hooi, verder ook
gevogelte De Wilhelmieten brachten als produkten van de eigen nijver-
heid bier en azijn in de handel Tot de inkomsten behoorde ook het genot
van een vast aantal wagendiensten, een relict uit de middeleeuwen Voorts
237
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's