Wetenschap en rekenschap - pagina 479
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
S O C I O L O G I E , N E D E R L A N D EN DE VRIJE UNIVERSITEIT
omdat er als gevolg daarvan geproduceerd moet worden, zij het ook dat dit dan
weer consumptieopdrijving veroorzaakt).
DE SOCIOLOGIEBEOEFENING AAN DE VRIJE UNIVERSITEIT NA 1965
De sociologiebeoefening aan de V.U. heeft zeer te lijden gehad onder de over-
rompelende groei van het aantal studenten, die aanvankelijk moest worden op-
gevangen door één gewoon hoogleraar sociologie en één buitengewoon in de
bedrijfssociologie en een bescheiden maar kwalitatief goede staf. Die staf positi-
veerde het nieuwe Academische Statuut in een leerplan dat verscheidene jaren
voortreffelijk heeft gewerkt en ruimte liet voor nieuwe ontwikkelingen waardoor
b.v. een afstudeerrichting maatschappelijk werk (later hulpverlening genoemd) en
een psycho-sociologische afstudeerrichting tot stand konden worden gebracht. De
besten onder de studenten konden stage lopen en hun scriptie schrijven aan het
Sociologisch Instituut van het Convent der Chr. Sociale Organisaties, waarvan de
hoogleraar directeur was of bij het Sociaal-wetenschappelijk Instituut van de V.U.
Men was het er in de staf over eens dat voor onze universiteit belangrijk zou zijn
fundamenteel onderzoek naar het verschijnsel waarde en norm en de verandering
daarin. Daaruit is een aantal belangrijke studies geresulteerd."' Verscheidene
ervan hebben tevens dienst gedaan als leeronderzoek, een combinatie die nodig
was omdat anders de staf niet toereikend was. Onderwijs en onderzoek waren dus
allang voordat dit een universitair issue werd op elkaar betrokken. Zelfs een
medewerker van de opleiding politicologie assisteerde op deze wijze: de huidige
hoogleraar A. Hoogerwerf Een niet onbelangrijk aantal promoties in de sociologie
vond tussen 1960 (de eerste) en 1979 plaats, namelijk 19, van wie er 7 hoogleraar of
lector aan de Vrije Universiteit werden en 2 hoogleraar aan een andere universiteit
of hogeschool. Daarnaast promoveerden er 5 aan een andere faculteit of univer-
siteit van wie er één aan de V.U. en één in Delft lector werd.
Bij niet noemenswaardige stafuitbreiding tegenover geweldige toeneming van het
aantal studenten kwam het onderzoek steeds meer in de knel. De afdeling me-
thoden en technieken van sociaal onderzoek werd in die tijd zelfstandig, waardoor
verscheidene mensen aan het onderzoek waarvoor zij destijds bestemd waren
werden onttrokken. De daarvoor beloofde compensatie bleef uit en inmiddels
veranderde het beeld: de bezuiniging begon en de armoe kwam onder het beslag
van de bureaucratie en allerlei raden en commissies. Logisch zou zijn geweest dat
het sterk ingekrompen aantal studenten gelegenheid zou geven aan de staf zich in
veel sterker mate met onderzoek bezig te houden, maar minder studenten betekent
nu minder stafleden.^" De hele periode overziende moet ik concluderen dat op-
leiding en onderzoek in de sociologie eigenlijk aldoor een paar jaar te laat zijn
geweest voor een gezonde ontwikkeling.
473
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's