Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschap en rekenschap - pagina 22

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschap en rekenschap - pagina 22

Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980

3 minuten leestijd

W J WIERINGA

geleerdheid (1^93/94) begon hij met een uiteenzetting van zijn ideeën omtrent de

wetenschap als zodanig. Onder verwijzing naar hetgeen hieromtrent verder op met

name in de hoofdstukken over theologie en wijsbegeerte wordt vermeld, zij hier

slechts op enkele hoofdtrekken van zijn visie gewezen. Beslissend voor de weten-

schapsbeoefening achtte hij de palingenese; deze brengt namelijk scheiding.

Echter, de palingenese verandert niets aan de zintuigen: de waarnemingen van

allen zijn allemaal gelijk, want zij tast de formele arbeid van het denken niet aan.

Vandaar dat er ook slechts één logica is. Daarom is er ook, zowel bij de natuur- als

bij de geesteswetenschappen een gemeenschappelijk arbeidsterrein voor hen die

wel en die niet uit de palingenese leven. Daarom kunnen en moeten beide groepen

met elkaar in logische gemeenschap blijven, hetgeen Kuyper zelfs een vreugde-

volle zaak vond. Echter, zodra de tegenstelling tussen onze menselijke persoon-

lijkheid, gelijk die in de zondige natuur tot uitdrukking komt en door de palinge-

nese veranderd wordt, het oildefzöek ert de bewijsvoering gaat beheersen, staat de

gelovige wetenschap exclusief tegenover de ongelovige. Dit hield volgens hem niet

in, dat er als zodanig een conflict tussen geloof en wetenschap zou bestaan. Alle

wetenschap, ook de ongelovige, veronderstelt geloof: aan het ik, aan het zelfbe-

wustzijn, aan de juistheid van de denkwet, aan het generale in de specifieke

verschijftselen, aan het leven en bovenal aan de beginselen, waarvan men uitgaat.

Op het laatstgenoemde punt spitste zich dan het conflict toe, want daardoor

komen tegenover elkaar te staan twee absoluut verschillende typen van weten-

schap, elk met een eigen theologie en levens- en wereldbeschouwing. „Reeds de

enkele vraag, of ge met heel uw ziel gelooft in öod ofwel pantheïst zijt, of ook

atheïst, is beslissend voor heel het veld van uw wetenschappelijk onderzoek."

In zijn bekende, in Amerika gehouden, Stonelezingen over het Calvinisme heeft

hij op een andere wijze déze gedachtengang geformuleerd: Blote empirie of

waarneming is op zichzélf nog geen weteftschap. Tot wetenschap „ . .. klimt ge uit

de waargenomen verschijnselen dan eerst op, als ge in dat bijzondere de wet van

het gemeene ontdekt, en alzoo tot het verstaan komt van de gedachte, die het

geheele complex van verschijnselen beheerscht. Op die wijze ontstaan de enkele

wetenschappen; maar ook daarbij rust de geest des menschen niet en kan hij niet

fusten. Ook wat de enkele wetenschappen vormden, moet door resultaat of hypo-

these, groepsgewijze ottder éen hoofd, onder de heerschappij van één beginsel

worden gebracht, en teftslotte treedt de philosöphie uit haar tente, om al wat tot

dusver gtoepsgewijze gévofmd werd, als één orgahiSch geheel in te denken. Eerst

waar de eenheid van heel het kosmisch leven doorgluurd wordt, viert de Weten-

schap haar hoogste triomf."

Kuyper droeg met dit alles stellig bouwstenen aan voor een christelijke weten-

schapsbeoefefting, maaf een sluitend geheel vormden zij niet. Enerzijds accep-

teerde hij, en nog wel met vréugde, een stuk gemeenschappelijkheid tussen wat hij

noemde de gelovige en ongelovige wetenschap, omdat in de wetenschap één logica

zou gelden. Anderzijds beschouwde hij verschil in geloof beslissend voor heel het

veld van wetenschappelijk onderzoek. Enerzijds ook erkende hij, dat tot aan een

18

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's

Wetenschap en rekenschap - pagina 22

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's