Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschap en rekenschap - pagina 132

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschap en rekenschap - pagina 132

Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980

3 minuten leestijd

1. A. D I E P E N H O R S T

functies in Raden en Staten — zijn lidmaatschap van de Tweede Kamer 1912-1925

verschafte hem het meest naam — evenmin als het burgemeesterschap van Ben-

schop (1917-1925) of het ministerschap van Onderwijs, Kunsten en Wetenschap-

pen (1925-1926) kwalificeerde de na zijn studie aan de Vrije Universiteit en in

Groningen van 1902 tot 1913 als Amsterdams advocaat gevestigd zijnde jurist voor

de hem toebedeelde taak. Dat deden ook niet zijn publicistische arbeid — vooral in

De Rotterdammer — of zijn bestuurlijk werk voor de Vereniging van Volkenbond

en Vrede. Hij had zich echter overal waar hij zich bewoog naam gemaakt als

ijverig, vernuftig, een bekwaam debater, iemand die af en toe vlotter vreemde

talen — met name Frans — dan Nederlands sprak, wat er dikwijls wat stotend

uitkwam, zeer belezen, als hij het wilde hoofs, volstrekt onkreukbaar en boven-

dien een man die de indruk wekte nog meer te kunnen dan hij deed. Zij, die hem

goed kenden, achtten hem in 1928 voor elk professoraat geschikt en waren slechts

nieuwsgierig welke leerstoel het worden zou. Hij maakte verder steeds tijd voor

gezelligheid door zijn geringe behoefte aan slaap, in staat over lange perioden één

nacht in de week gewoon door te werken als dit nodig was. Bij zijn onmiddellijke

vakgenoten, die geen van allen zijn dubbele taak van romeinsrechtelijk en straf-

rechtelijk jurist moesten verrichten, werd hij na korte tijd van inwerken zeer

geapprecieerd. Verondersteld is dat hij zelf aan romeins recht boven strafrecht de

voorkeur gaf, hoewel zijn casuscolleges strafrecht de onderhoudendste waren; hij

groeide in tegenspraak en wie enigszins redelijk van hem verschilde en volhield

oogstte warme waardering. Bijzonder ging hem de facultaire ordening ter harte en

ofschoon er ook in zijn tijd een vrije en aantrekkelijke samenwerking bleef, de in

de jaren twintig notulair en administratief in de rimboe levende faculteit werd

geciviliseerd, wat haar later te stade zou komen,

Rutgers had zich in zijn redevoering van 1928, waarin hij zich een tegenstander

van het strafbaar stellen van aanvalsoorlog verklaarde en het zwaartepunt legde in

de verantwoordelijkheid der regeerders, bewogen op het hem vertrouwde inter-

nationale gebied. Hij was door commissoriale arbeid voor en na 1928 te Geneve

goed bekend, nam deel als gedelegeerde aan de ontwapeningsconferentie van

1932, welke hij had helpen voorbereiden en bleef ook later internationaal actief.

Hij heeft voordrachten in Engeland en Frankrijk gehouden, werd in 1925

erè-doctor van de Faculté Libre de Théologie van Parijs en was vice-president van

één der secties van het in 1935 te Berlijn georganiseerde congres voor strafrecht en

gevangeniswezen. Hij heeft daar behoorlijk, misschien nog niet genoeg, zijn ogen

open gehouden, getuige een verslag in het Tijdschrift voor Strafrecht (1936). Reeds

enkele jaren vroeger had hij in zijn eerste rectorale oratie Strafrecht en rechtsstaat

(1933) aan de duits-nationaal-socialistische opvattingen van het strafrecht uitvoe-

rig aandacht besteed. Het betoog was beheerst, op een enkel onderdeel, zo wat

betreft het vergelden en het streng straffen niet misprijzend, op het centrale punt

van de absolutistische staatsidee zonder bisbilles afwijzend. Noch afschaffing van

de regel nulla poena sine lege, noch invoering der analogische wetsuitleg konden

genade vinden in de ogen van de redenaar. In een eigen terminologie werden de

128

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's

Wetenschap en rekenschap - pagina 132

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's