Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Wetenschap en rekenschap - pagina 456

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wetenschap en rekenschap - pagina 456

Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980

3 minuten leestijd

G KUIPER HZN

dat is — te beginnen met zijn dissertatie „Criminalité et conditions économiques"

(1905) — in zijn geschiften ook goed te merken. Bongers was in de eerste plaats

criminoloog en genoot als zodanig wereldbekendheid."

Het zal de lezer duidelijk zijn dat alle tot dusver genoemde figuren, gezien vanuit

het perspectief van de socologiegeschiedenis marginale verschijningen zijn ge-

weest. Het eigenlijke begin ligt in het werk van een man die helemaal niet socio-

logie in zijn leeropdracht had staan: S.R. Steinmetz (1862-1940). Toen hij in 1907

hoogleraar werd aan de Amsterdamse Stedelijke Universiteit luidde die leerop-

dracht „politische aardrijkskunde, de volkenkunde en de land- en volkenkunde

van de Oost Indische Archipel".'^ Steinmetz was begonnen met de juridische

studie in Leiden, studeerde ook een paar exacte vakken, zoals hij zei, geheel

volgens zijn gevleugelde woord „Wie alleen zijn eigen vak kent, kent ook dat niet".

Daarna ging hij naar Leipzig: experimentele psychologie bij Wundt, geografie en

volkenkunde bij Ratzel, alsmede psychiatrie. Hij studeerde rechten niet in de

eerste plaats uit diepe belangstelling voor deze mooie studie, maar omdat hij

getroffen was door menselijke ellende: de Negerhut van oom Tom heeft hij twintig

maal gelezen en door het lezen van Domela Nieuwenhuis maakte hij kennis met

de ellende der arbeiders in de Duitse industriesteden. Hij heeft alleen nooit „aan

politiek gedaan".'^ Zijn diep geloof in de „survival of the fittest" maakte hem

nieuwsgierig naar de herkomst van de straf, vandaar dat hij een proefschrift

schreef over „Ethnologische Studiën zur enten Entwicklung der Strafe". (1892)

Zijn promotor Van der Vlugt was onbekend met het studieterrein en daarom werd

het manuscript naar E.B. Tylor gestuurd die het zeer lovend beoordeelde. Nog

consequenter dan Tylor volgde hij de inductieve weg. Steinmetz is in de eerste

plaats etnoloog geweest en pas in de tweede plaats sociograaf en socioloog. Dat is

stellig ook veroorzaakt doordat hij zelf geen opleiding in de aardrijkskunde had

gehad. Een positief gevolg daarbij is zeker ook geweest dat hij niet gehinderd door

allerlei stromingen in de aardrijkskunde zijn eigen opvattingen had over dit vak,

die later door Ter Veen werden uitgewerkt. Het kan niet ontkend worden dat

Steinmetz via zijn leerlingen grote invloed op de ontwikkeling van de sociologie en

etnologie in Nederland heeft gehad, zodat er zelfs een Amsterdamse school is

ontstaan. Maar dat is niet gebeurd door de blijvende waarde en grootsheid van zijn

werk: niemand leest het meer. Het zijn vooral zijn didactische gaven geweest en

zijn enthousiaste engagement die op veel van zijn leerlingen aanstekelijk werkten,

zijn neiging te stimuleren tot het promoveren, in ieder geval zijn vermogen hen tot

publiceren te brengen. Daarbij moet men bedenken dat zij studeerkamergeleer-

den waren; de meesten van hen waren aardrijkskundeleraren die niet in de

gelegenheid waren veldwerk te doen. Zijn imponerend optreden („Dames en

Heren, ik heb liever 10 jaar cellulair dan dit boek . ..") is beslissend geweest. Al

eerder waren in Leiden en Utrecht centra voor de beoefening van de ..Indische

volkenkunde" ontstaan. In Leiden ontstond zelfs een Leidse school (Van VoUen-

hoven en De Josselin de Jong), die niet primair steunde op het sociaal darwinis-

me.'" In het stadium waarin de etnologie zich bevond kan men gerust spreken van

450

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's

Wetenschap en rekenschap - pagina 456

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980

Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's