Gesprekken over honderd jaar Vrije Universiteit - pagina 300
Ik vermeld dit laatste omdat het Utrechts Studenten Corps
direct na de bevrijding tot een gezamenlijk blad van alle
studentenverenigingen wilde komen, waar ik mordicus
tégen was. En ik herinner mij op de vergadering waar dit
besproken werd daarin te zijn bijgevallen door de verte-
genwoordiger van S.S.R.: dat was onze eerste ontmoeting!
Het zou overigens een verhaal op zich zijn als wij over onze
gezamenlijke studentenbelevenissen in het toenmalige
Utrecht zouden moeten praten; maar afgezien van een
incidenteel meningsverschil herinner ik mij dat wij elkaar
in vele opzichten vrij duidelijk begrepen. Omtrent het recht
van confessioneel georganiseerde verenigingen om zich in
de samenleving vanuit eigen gezichtspunten te laten gel-
den, zaten jij en ik op één lijn.
Ik moet toch ook nog iets uit de oorlogsjaren noemen.
In '43 werd ik onderduiker en heb mij toen beziggehouden
met middeleeuws Latijn, en onder leiding van mijn oude
leraar van het Stedelijk Gymnasium, de latere Leidse
hoogleraar J.H. Waszink, heb ik enkele auteurs gelezen
met name Bernard van Clairvaux, voor wie ik mij in mijn
latere studie steeds ben blijven interesseren.
Mijn wetenschappelijke vorming is langs de geschriftenen
geschiedenis van Bernard van Clairvaux gelopen, en
onvermijdelijk heb ik daarmee ook kennis gemaakt met de
man die de Europese christelijke spiritualiteit voor eeuwen
heeft bepaald, en die ik daarom best als heilige wil vereren,
ook al is er tegen zijn politiek optreden in de twaalfde eeuw
wel wat in te brengen. Ik ben in 1960 op zijn twaalfde-
eeuws levensverhaal gepromoveerd, in Nijmegen, onder
prof. Post.
Maar in die lange jaren van voorbereiding heb ik naasteen
intensieve leraarstaak toch nog enige andere zaken ge-
daan, die de aard van mijn katholiek-zijn in belangrijke
mate mede hebben bepaald. Ik ben redacteur geweest van
een tweetal maandbladen, Het Gemenebest, dat zich
inzette voor de volkseenheid, en Te Elfder Ure, dat in de
preconciliaire periode 1954- 1960 duidelijk heeft geprelu-
deerd op veranderingen die in een bij haar tijd achtergeble-
ven kerk onvermijdelijk moesten plaatsvinden."
Hoe kijkt u nu achteraf terug op dat werk in,, Te
Elfder Ure"?
„In '79 heeft W. Goddijn in De Tijdeen aantal statements
gepubliceerd met betrekking tot het mandement van de
296
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 332 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 332 Pagina's