Wetenschap en rekenschap - pagina 442
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
J G KNOL
Het is daarom niet verwonderlijk dat een normatieve christelijke economie in de
vakwetenschappelijke kringen niet hoog wordt aangeslagen en vooralsnog vrijwel
geheel ontbreekt. Een normatieve economische wetenschap is niet veel meer dan
een „proeve" van een beschrijving van een gewenst maatschappelijk voortbren-
gingsproces.
Maar tevergeefs zoekt men dan naar het vervolg. Wat heeft dat alles met het
theoretiseren te maken?
Daarom versmalt zich de problematiek veelal tot de keuze van de vooronderstel-
lingen. De éne groep heeft die „krans der data" en de andere groep een grotere of
kleinere „krans".
Zolang men het zelfde kenobject te weten het handelend economisch subject
koestert, stelt het verschil tussen waardevrije en waardegebonden economie niet
veel voor. De echte waardegebonden economie echter richt zich niet op de krans
der data, maar op het object in zijn geheel. Men breekt dan niet met het waarde-
vrije positivistische standpunt maar met de objectsbepaling.
De wetenschap van de economie als een wetenschap van keuzehandelingen gaat
dan verdwijnen en maakt plaats voor de economie als wetenschap van de samen-
leving. Dat is ook het ideaal van Kuyper.
Maar men kan het ideaal van Kuyper alleen maar delen wanneer men meer wil
dan de introductie van ethische waardeoordelen.
Een eerste stap moet zijn het onderzoek naar de invloed van maatschappelijke en
politieke constellaties op het gedrag van mensen en groepen van mensen en via
deze op prijzen en hoeveelheden.
En tegelijkertijd een onderzoek in hoeverre subjecten in staat zijn om via de
uitkomsten van het economisch proces dit proces in een gewenste richting te
sturen.
Dit betekent niets anders dan dat de kern van de waardegebonden economie ligt in
de bereidheid om het maatschappelijk voortbrengingsproces in een historisch en
maatschappelijk-politiek kader te plaatsen.
In deze zin is waardegebonden economische wetenschap identiek met de weten-
schap van politieke economie.
*
NOTEN
1. JA. Nederbragt, Proeve eener theorie der Economie naar Christelijke belijdenis; Den
Haag, Voortvaren, 1921, pag. 37.
2. Idem a.w. pag. 40.
3. Idem a.w. pag. 43.
4. P.A. Diepenhorst, Leerboek van de Economie; Zutphen, 1934, pag. 181.
5. C. Smeenk, Christelijke Sociale Beginselen; Kampen, J.H. Kok, 1934, Deel I, pag. 71.
6. Idem a.w. pag 443.
7. J. Ridder, Het geloof als datum, pag. 441.
8. Idem pag. 443.
436
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's