Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 95
Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit
bruggen, zodat de verwijdering tussen de beide polen in de UB Utrecht als
pijnlijk werd ervaren. Toen echter deelname aan PICA niet tot een ver-
antwoord resultaat leidde, werd besloten tot deelname aan het in 1972
begonnen automatiseringsysteem van de U.B. Utrecht. Dit besluit viel in
1977 en sindsdien heeft een stormachtige ontwikkeling binnen de V.U.-
bibliotheek plaatsgevonden met zeer opmerkelijke en gunstige resultaten.
De pogingen van het Ministerie om de grote investeringen in PICA
rendabel te maken, heeft er echter toe geleid dat de V.U.-bibliotheek
overgaat op PICA, tenzij in 1980 blijkt dat het via PICA catalogiseren niet
het meest economisch verantwoord is of dat de bedrijfsvoering daardoor in
ernstige mate wordt verstoord. Daarmee is de bibliotheek in het jubi-
leumjaar op een merkwaardige plaats terechtgekomen in het zeer inge-
wikkelde samenspel der Nederlandse bibhotheken. Onze hoop is dat het
samenwerkingsverband PICA alle nadruk zal gaan leggen op de begrippen
„samen" en „werken" en tevens dat alsnog de kloof tussen universiteit en
hogeschool, tussen zeer verfijnd bibliograferen en het praktisch toeganke-
lijk maken van het bibliotheekbezit door de automatisering zal worden
overbrugd.
18. Wetenschap, bibliotheek en cultuur
De wetenschappelijke bibliotheek is als instituut tenminste even oud als de
universiteit.^^ Een wetenschappelijke bibliotheek is denkbaar zonder uni-
versiteit, een universiteit echter niet zonder U.B. Alleen de V.U. heeft het
dankzij de U.B. Amsterdam, die tevens stadsbibliotheek is gebleven, om-
streeks zeventig jaar zonder U.B. kunnen doen. Pas in 1948 werd een
bibliothecaris benoemd voor wie deze functie zijn hoofdbetrekking was.
Voordien was hij directeur van het hospitium, gemeente-archivaris of
hoogleraar naast een paar uur bibliothecaris per week. En pas in 1961
kwam met het ontstaan van een wetenschappelijke staf in de U.B.-V.U. het
vraagstuk aan de orde van de relatie tussen bibliotheek en de in de facul-
teiten georganiseerde wetenschap.
De wet noemt de Bibliothecaris bij de opsomming van het wetenschap-
pelijk corps van de universiteit; dat houdt in dat ook de w.b.m. tot het
wetenschappelijk personeel behoort. Een instituutsbibliotheek wordt
overal gezien als deel van het wetenschappelijk apparaat van een faculteit.
De centrale U.B. wordt, omdat het geen faculteit is, al spoedig tot één der
diensten gerekend. Het dilemma faculteit of dienst kan echter door een
goede U.B. niet geaccepteerd worden. Het gaat in de U.B. zeker om
dienstverlening aan onderwijs en onderzoek, zoals onderwijs en onderzoek
aan mens en maatschappij dienstbaar zijn. Maar de U.B. is van karakter
een wetenschappelijk instituut en niet een dienst zoals die voor gebouwen,
personeelszaken of financiën.
De Vrije Universiteit heeft geen initiatief getoond om aan de plaats van
het wetenschappelijke bibliotheekpersoneel binnen het wetenschappelijke
79
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's