Wetenschap en rekenschap - pagina 280
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
J. LEVER/L. VLIJM
In de laatste jaren is onderzoek gestart naar de regulatie en energiekosten van de
stikstofbinding. De regulatie van het verbruik van de voedingsstoffen bij bacteriën
van het geslacht Rhizobium bleek af te wijken van dat bij de meeste andere
bacteriën.
Het tweede deelthema heeft betrekking op de anaerobe respiratie: het proces
waarbij een andere verbinding dan zuurstof als uiteindelijke waterstofacceptor bij
de ademhaling dienst doet. Eerst werd slechts de nitraatreductie onderzocht:
regulatie van de vorming van nitraatreductase, betekenis van ijzer en molybdeen
bij de nitraatreductie en het precieze verloop van de ademhaling bij nitraatrespi-
ratie (De Groot, Schulp, Van Hartingsveld, Oltmann, Van der Beek). Met name
voor de analyse van de samenstelling van ademhalingsketens zijn de in 1978
verkregen computerfaciliteiten van groot belang.
Onlangs werd het programma uitgebreid door ook denitrificatie (reductie van
nitraat tot stikstof) in het onderzoek te betrekken, terwijl momenteel ook aandacht
wordt gegeven aan de fumaraatreductie. Dit laatste proces speelt een rol bij
anaerobe bacteriën die suikers omzetten in succinaat dan wel propionaat. Merk-
waardig is dat bij al deze bacteriën ondanks hun anaerobe karakter toch een
ademhalingsketen voorkomt. Reductie van fumaraat gaat gepaard met een hogere
energieproductie. Daarin ligt de verklaring voor de zeer grote groei-opbrengst van
dit soort bacteriën. De aanwezigheid van een ademhalingsketen geeft ook de
mogelijkheid tot reductie van nitraat: eveneens een onverwachte eigenschap voor
anaerobe bacteriën.
Het derde deelthema betreft onderzoek naar de regulerende rol van zuurstof in de
stofwisseling van microörganismen (De Vries). Zuurstof heeft een sterke invloed
onder meer op eerdergenoemde processen als stikstofbinding en nitraatreductie.
Ook wordt de invloed van zuurstof op microaerofiele bacteriën (die optimaal
groeien bij lagere zuurstofspanning dan die van de lucht) bestudeerd. Milieus met
dergelijke omstandigheden komen veel voor in bv. bodem, huid en mondholte. Bij
onderzoek is gebleken dat de stofwisseling van deze bacteriën in een aantal
opzichten lijkt op die van anaerobe bacteriën. Bij verbruik van zuurstof worden
toxische zuurstofmetabolieten gevormd die de groei bij hogere zuurstofspannin-
gen remmen. Bij aerobe bacteriën zijn enzymen aanwezig die deze stoffen ontle-
den.
Uit het bovenstaande blijkt dat door de toevoeging van onderzoek over stikstof-
binding dat over de biologische stofkringloop een sterk accent krijgt. Tevens is
duidelijk dat waar de nadruk wordt gelegd op de invloed van voedings- en
omgevingsfactoren, het onderzoek zich in oecofysiologische richting ontwikkelt.
Deze beide tendenties zullen in de komende jaren versterkt doorwerken.
In de tweede projectgroep was tot 1977 het centrale onderzoeksthema gericht op
de bestudering van een bijzondere klasse van bacteriële toxinen: de bacteriocinen.
Dit zijn toxinen met een eiwitstructuur. Ze worden door vele bacteriën geprodu-
276
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's