Een vrije universiteitsbibliotheek - pagina 61
Studies over verleden, bezit en heden van de bibliotheek der Vrije Universiteit
Op de volgende vergadering in het Kuyperhuis, 15 april 1927, onder
voorzitterschap van Colijn, is de benoeming het eerste agendapunt „In-
zake de benoeming van een nieuwen bibliothecaris deelt mr Grosheide
mede, dat de Senaat een voordracht indient, en dat de rector. Prof Gos-
linga, toezegde, de candidatuur van Prof Wille in den Senaat te zullen
aanbevelen "
Op 2 mei 1927 schrijft Grosheide aan Wille „Ik dank U zeer voor Uw
uitvoerig schrijven inzake de bibliotheek", „Het zou mij buitengewoon
aangenaam zijn, wanneer de Senaat U voordroeg als bibhothecans of
waarnemend bibhothecans" Bovendien schrijft Grosheide „Wanneer de
financiën het eenigszins toelaten, wil ik mij nu reeds verbinden om aan
Directeuren een voorstel te doen de begrotingspost voor de bibliotheek
tussentijds te verhoogen" Als Wille instemt schrijft Grosheide op 4 mei
aan de Rector Goslinga „Directeuren vergaderen vermoedelijk 12 Mei a s
Acht U het mogelijk, dat Directeuren Prof Wille aanstellen tot Waarne-
mend Bibliothecaris, zonder dat terzake officieel advies van den Senaat is
ontvangen''" Op 12 mei verzoekt Grosheide, nu „namens den Rector van
den Senaat of Directeuren Prof Wille zouden willen aanstellen als tijdelijk
bibliothecaris" Daarop worden secretaris Van Eeghen en penningmeester
Grosheide gemachtigd om tot de definitieve benoeming over te gaan,
zodra het verzoek van de senaat zal zijn ingekomen Als ook deze proce-
dure is afgehandeld kan Wille 9 juni schrijven dat hij de benoeming tot
Bibliothecaris gaarne aanvaardt
Wille was van jongsaf bibliofiel In Baarn verzamelde hij een waarde-
volle eigen bibliotheek Als hoogleraar Nederlands hield hij zich voortdu-
rend met boeken, bibliotheken en archieven bezig Van de hoogleraren die
een eigen seminarium-bibliotheek wensten te vormen kreeg Wille als enige
zeggenschap over de bibliotheek en dat tegen een behoorlijk extra salaris
HIJ IS in zijn benoeming gekend en hij aanvaardt deze gaarne Voor zover is
na te gaan was Wille gelukkig met zijn benoeming tot bibliothecaris
Hoewel hij in 1932 ook nog de algemene taalwetenschap van prof dr H J
Pos overneemt blijft hij Bibliothecaris tot halverwege zijn 69ste levensjaar
Nergens blijkt dat Wille zijn benoeming als een achteruitgang heeft be-
schouwd, zoals in een in memoriam werd gepubliceerd *^ Door plichtsbe-
sef te zwaar belast zijn en door karakter te minutieus gedetailleerd werken
kan zeker wel samengaan met een apart plezier in de functie van biblio-
thecaris
Nog voordat Wille zijn benoeming aanvaardt, schrijven Directeuren
hem dat zij zijn voorstellen of rapporten, mee in verband met de college-
bibliotheken, tegemoet zien Het eerste wat Wille vroeg was de toestem-
ming om een vaste bibhotheekbediende te benoemen en om te mogen
beschikken over een extra budget van ƒ 5 000,— Het eerste wordt toege-
staan, maar net als bij Breen moeten eerst de andere bibhotheekzaken
geregeld zijn voor er geld komt
Wille stelt op 15 september voor om van de sollicitanten de heer T D
45
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 410 Pagina's