Wetenschap en rekenschap - pagina 466
Een eeuw wetenschapsbeoefening en wetenschapsbeschouwing aan de Vrije Universiteit 1880-1980
G. KUIPER HZN
worden weergegeven. Een van de opmerkelijkste dingen die men van de sociolo
gen die Parsons bekritiseerd hebben (hij zou te conservatief zijn, er zou geen relatie
tot de werkelijkheid zijn, zijn systemen zijn te statisch, verandering krijgt er
onvoldoende plaats enz.) kan zeggen is, dat zij bij voorbaat uitgaan niet van de wil
Parsons te leren begrijpen, maar van wat de „groten" in het vak van hem hebben
gezegd. Veel van die groten hebben daardoor (?) onvoldoende in het oog gehou
den dat „he consistently advocated the priority of systems of concepts over systems
of proportions".^' Het ging hem om het analytisch begrippenapparaat. „T he uni
que feature of Parsons' „analytical realism" was his insistence on how these
abstract concepts are to be employed in sociological analysis. Parsons did not
advocate the immediate incorporation of these concepts into theoretical statements,
(cursief van mij G.K.) but rather, their use to develop a ,,generalized system of
concepts".""' Er is reden er trots op te zijn dat de enige Nederlandse studie over
Parsons deze grote socioloog zelf aan het woord heeft willen laten zonder hem van
te voren als een determinist of alleen maar als een voluntarist te zien, hetgeen een
van de beste en meest interessante studies over hem heeft opgeleverd.^' Bij Par
sons' dood heeft Keers dat nog eens samengevat met de woorden „Adriaansens
heeft er op gewezen dat Parsons in zijn publicaties van 1951 (The Social System en
Towards a General Theory of Action) nog gevangen zit in wat Adriaansens „het
conceptuele dilemma" noemt: het streven naar een begrippenapparaat dat syste
matisch is en tegelijkertijd recht doet aan het „voluntaristisch" standpunt, d.w.z.
recht doet aan de dialectiek van deel en geheel, zowel als aan de dialectiek van
subject en object in het sociale leven. Dit verklaart waarom in The Social System
de theorie waar zij systematisch is, niet meer voluntaristisch is en waar zij volun
taristisch is fragmentarisch. Het conceptuele dilemma wordt opgelost door de
tweede vondst van Parsons' carrière de integratie van het patroonvariabelensche
ma met de functiecategorieën die Bales hanteerde bij de analyse van groeps
processen. Hier ligt de overgang van de „vroegere" naar de „latere" Parsons".'^
In zijn omvangrijke oeuvre heeft Parsons zijn opvattingen telkens op andere
punten verder uitgewerkt. Zijn — zoals hij het zelf noemt — vier functies paradig
ma (met een ezelsbruggetje LIGA of AGIL genoemd) is in zijn onderdelen en
toepassingen aan allerlei beschouwingen onderworpen geweest: Latency of pat
tern maintenance (cultureel systeem), integration (sociaal systeem). Goal attain
ment (persoonlijkheidssysteem) en /Adaption (gedragsorganisme).
Naar onze mening is de hantering van Parsons' werk als wetenschappelijk refe
rentiekader de beste toekomst beschoren, zij het ook dat daar het echte bezwaar
zich doet gelden van de ingewikkeldheid van de terminologie, die dan ook uit
voerig is bekritiseerd door Amerika's maatschappijcriticus van het vroege uur, C.
Wright Mills. In zijn „The Sociological Imagination" tn wel in het hoofdstuk over
Lofty T heories dat het hoge abstractieniveau en het oerwoud van begrippen
wraakte, richtte hij zich met name daartegen, met erkenning van het vele waar
devolle in Parsons' theorieën.
De bekende Mills moet hier tussendoor genoemd worden. Verhoogt presenteert
460
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1980
Publicaties VU-geschiedenis | 602 Pagina's